1945-1949 Poëtisch gevangenisdagboek

Nand schreef tijdens zijn gevangenschap geen dagboek. Hij verwoordde zijn gevoelens in gedichten, toneelstukken, tekeningen, etc. Daaruit moeten we zijn gemoedstoestand afleiden. Later zal hij in zijn memoires alsnog de ontstaansgeschiedenis en achtergronden van deze poëzie verduidelijken.

Zelf schrijft hij daarover het volgende in zijn memoires (zie de pagina “Begijnendijk Gevangenis Antwerpen“):

“Daar schier alle gedichten gedagtekend werden, verschijnen zij nu als een curve, die de psychische spanningen aangeeft van een mens in de greep van een nooit aflatend lijden.  Nu eerst geef ik er mij rekenschap van wat daarvan af te lezen valt.  Na de eerste kennismaking met de cel (in de slechtst mogelijke omstandigheden, dat mag worden gezegd) komt, in een andere omgeving, en na de uitgesproken straf, het woord ongehinderd los.  Het is geen dagboek, feiten worden niet aangestipt, tenzij hier en daar in de vorm van een randbemerking “bezoekdag” of wat ook; wel zijn het spontaan opgewelde en in morele pijn neergeschreven reacties.”

Het poëtisch dagboek is een gebonden registerboek dat Nand gebruikte als manuscript voor zijn ideeën. Toen ik het jaren geleden vond was ik al getroffen door de inhoud en het uitzicht, het bevat niet alleen poëzie, maar ook wetenswaardigheden die hij wou bijhouden als geheugensteun, een soort “mini-Wikipedia”. Hier en daar staat naast een tekst toch een korte beschrijving van zijn gevoel op dat moment, je kan voorbeelden hiervan zien op de pagina “Aantekeningen in de marge“.

Nand begon te schrijven aan beide zijden van het register en zo naar het midden, zodat je het moet omkeren om te lezen. De ene helft bevat vooral poëzie, de andere toneel, citaten en wetenswaardigheden. Dus alle genummerde bladzijden zijn dubbel: er is een 1ste bladzijde aan de ene zijde en een andere aan de omgekeerde achterzijde van het boek.

Eén van de drijfveren om dit project te verwezenlijken vond ik op de eerste bladzijde. Nand kleefde er de “Declaration of Independence” en woorden van Louis Pasteur die hij sprak toen hij gevierd werd voor zijn 70ste verjaardag in de Sorbonne:

Binnenzijde rechts voorkant:

Onder de Declaration schrijft Nand deze woorden van de filosoof Immanuel Kant: “Als de gerechtigheid verdwijnt dan is er niets meer dat aan het leven der mensen waarde verlenen kan”.

Daar onder de woorden van Pasteur:

Pasteur 70 jaar in de Sorbonne
               =
“ ‘Ne vous laissez jamais atteindre par un scepticisme desséchant. Ne vous découragez pas lorsque votre pays traverse des heures sombres. Vivez dans la paix sereine des laboratoires et des bibliothèques. Dites vous d’abord: “qu’ai je fait pour m’instruire?” et, à mesure que vous progressez: ” qu’ai je fait pour mon pays?”. Ceci jusqu’au moment où vous pourrez penser avec un immense bonheur que vous avez contribué en quelque manière au progrès et au bien de l’humanité.’

 (voorgelezen door zijn zoon daar hij niet meer kon spreken)”

Het is vooral de opmerking tussen haakjes die me rechtstreeks aansprak, op mijn manier probeer ik Nand een stem te geven…

Uit het boek “Louis Pasteur and the Hidden World of Microbes” (Louise Robbins):

Onder de woorden van Pasteur schreef Nand nog het volgende:

“In de gehele mensheid maar vooral bij de jeugd van alle naties leeft een hartstochtelijk verlangen naar gemeenschap, naar waarachtige eenheid. Uit georganiseerde massa’s: kreet. Het tragische is dat het voor de grote meerderheid bijna onmogelijk is een gemeenschap te zoeken in den staat. De staat is een wezen op zichzelf, een bestuur, een bedrijfsleiding, een demon, die vreemd is aan de menselijke ziel. Cel 34   23.7.47.”

Binnenzijde links voorzijde

Binnenzijde rechts achterkant:

Binnenzijde links achterkant: opvallend, recepten van lekker eten, het komt wel vaker voor dat in barre omstandigheden men in de verbeelding teruggrijpt naar “het goede leven”, hier bv een recept voor “havermout met fruit”, één van zijn lievelingsgerechten, dat Nand later vaak zou klaarmaken in zijn gezin….

1ste bladzijde voorkant, zeer gedetailleerde tekening van onderdelen en benamingen van een zeilschip (viermaster):

1ste bladzijde achterkant:

(de foto van de vrouw stond er waarschijnlijk eerst: de tekst is daarna rond haar geschreven, ook een indicatie voor het -ideale?- beeld van de vrouw zoals Nand dat in gedachten heeft)

Citaat bovenaan:

“Vele tranen moeten de oogen verhelderen, die mij zullen zien. F. van Eeden (Kleine Johannes).”

Vauvenargues : = Luc de Clapiers, marquis de Vauvenargues (1715-1747): Frans schrijver, moralist en aforist. “Sa véritable force est d’exprimer dans un langage assez épigrammatique les résultats de son observation attentive des comportements et des motivations des hommes. La principale différence entre Vauvenargues et un de ses prédécesseurs comme La Rochefoucauld est que Vauvenargues a une haute idée de l’homme, et qu’il est aussi plus enclin au stoïcisme qu’aux théories épicuriennes. On l’a qualifié de “stoïque moderne”.

Ik vermeld deze passage omdat Nand ook eerder stoïcijn dan epicurist was.

Citaten:

“Vauvenargues. “Le stoïcien optimiste”.

–  “la fortune peut se jouer de la sagesse des hommes courageux, mais il ne lui appartient pas de faire fléchir leur courage”
–   on ne saurait jouir qu’autant que l’on agit, et notre âme enfin ne se possède véritablement que lorsqu’elle s’exerce tout entière.
–   nous devons peut être aux passions les plus grands avantages de l’esprit.
–  on paie chèrement les moindres biens lorsqu’on ne les tient de la raison.
–  les choses que l’on sait mieux sont celles que l’on a pas apprises.
–  La vertu est plus chère aux grandes âmes que ce que l’on honore du nom de bonheur.”

In het midden van het boek houdt Nand nauwkeurig zijn uitgaven bij (en wordt het boek even een echt “register”):

opmerking: om de veertien dagen staat er “+100”, vermoedelijk is dat telkens Nands vader op bezoek komt. Waar Nand ook gevangen zat, zijn vader zou hem gedurende 5 jaar telkens tweewekelijks bezoeken, met de trein vanuit Gistel, wat betekende dat hij telkens een hele dag onderweg was voor een bezoek van 20 à 30 minuten.  Hoewel Nand hem dikwijls op het hart drukte dat niet te doen, hield zijn vader hardnekkig vol. Zijn moeder heeft Nand vier jaar lang niet gezien, zij kon de lange reizen mentaal niet aan. Om haar toch een idee te geven hoe haar zoon er uitzag tekende Nand regelmatig zelfportretten die zij dan op de schouw zette, thuis in Gistel.

+ bovenaan: Wij begonnen dus den 3/11/48 – met 737 frs”

In het midden een “kantienbon”:

Overzicht van de veranderende sterrenhemel doorheen het jaar:

Aantekeningen bij de verovering van het rijk der Azteken door Hernán Cortés (1519), legende van de god “Quetzalcoatl“, tekening/map van het landschap met hoofdstad Tenochtitlan

De aantekeningen dienden voor het nog te schrijven toneelstuk “De wonderbare & waarachtige zeereizen van Bootsman Kruit”: