Celdagboek 3 1944 – Brief

Opmerking: deze brief werd door Sim geschreven op 2 december 1944 in de Centrale Gevangenis te Leuven. Op dat ogenblik wist Sim niet of haar broer Bert ook in hechtenis was genomen. Daarom was de brief gericht aan de familie in Brussel. Het is niet duidelijk of deze versie van de brief door de censuur gelezen werd, vermits er geen stempel ter goedkeuring is. Misschien is dit dan een kladversie.

Voorbeeld 1ste bladzijde:

(1)

Centrale Gevangenis 2n Decemberavond ‘44

Beste Familie, en… Bert?

Vandaag is het juist 2 maand geleden dat ik in m’n vreemd pensionaat ben ingeburgerd. Ik spaar jullie liefst het saaie verhaal der onmogelijkste toestanden waarin we hier leven. Wellicht weet ge reeds een verre echo van ons bohemerleven hier. We missen zóo een eigen woord van huis uit. Ik hoop dat we nu eerdaags nieuws mogen ontvangen. Volgens toelating mogen we nu de vierde week van elke maand schrijven maar dit wordt dan streng gecontroleerd.

Vorige week schreef ik naar den advocaat om ’n paar inlichtingen en om benoodigdheden die ik toekomende zaterdag verwacht. Ik zal alles in m’n résumé nog eens herhalen.

Ik heb er me nu bij neergelegd dat dit voor mij een lange internering beduidt. Elken dag hebben we gehoopt op een mogelijke verklaring. Tot nog toe werden we

(2)

nog niet onderhoord. Sommigen zitten hier deze week dus reeds 3 maanden zonder vorm van veroordeling of zonder hoop op ’n mogelijke spoedige verlossing. Dat alleen maakt me zwaar bedrukt dat Ma – Adolphine en onze Pa daar zitten zonder ’n enkele reden – Indien er maar een middel op gevonden kon worden… alleen maar dat hun dossier vooruitgeschoven wordt want vermits we hier met honderden wachten en er maar nauwelijks ’n paar gevallen per week voorkomen, kan het hoogtswaarschijnlijk zijn dat ze nog maanden zitten indien er niemand een speciale poging kan doen bij den “Auditeur Militaire”, ik ken zijn naam niet of bij onderzoeksrechter Kumps.

Indien ik blijf weet ik dat het is omdat er ’n speciale uitspraak gedaan wordt voor ’t dragen van een uniform daar valt Ma, Pa en Adolphine tusschen uit.

Ik zie hen zelden of nooit.

We zitten hier met zessen in een éénmans cel dag en nacht hier komen we enkel

(3)

uit om ’n wandeling van 15 minuten. Ge veronderstelt wat het hier is… onderscheid is er ook niet gemaakt tusschen menschen en nog kinderen die men willekeurig bij mekaar heeft gezet… er heerschen toestanden die effenaf noot denkbaar waren en ik kan moeilijk gelooven dat er ooit iemand zal durven voor uitkomen de groote verantwoordelijkheid te dragen voor de gevolgen die zullen ontstaan uit zoo’n echt samenhokken. Wij, de jongeren zijn daar tegen bestand, ‘k vrees echter voor onze moeders en zieken. Stel u voor reeds drie maanden op stroozakken slapend op koude steenen zonder minste verwarming en dien aanhoudenden geur. Dus als er iets kan gedaan worden buiten zorg voor Ma en Adolphine. ‘k Hoop maar dat onze Pa het uithoudt en dat het op Tiensche straat menselijker is dan hier.

Ik heb er me op verzoend hier nog een paar maanden te moeten verblijven

(4)

Ik heb een kalender gemaakt tot 2n April. Dan is er nog kwestie van onzen gedurigen honger. Mijn pak is jammer genoeg reeds na ’n vijfden dag gansch verdwenen. Dat is nog altijd een gevolg van dien reuzenhonger der eerste weken. Ik schrijf hier nu wat ik je reeds vorige week liet weten voor m’n pak toekomende week. . Het is wellicht gemakkelijker het linnen in een linnenzak te doen dat kan ik beter wegbergen hier in de cel.
1. eén groot laken (voor een bedzak te maken)
2. een slaapkleed
3. 2 handdoeken en een handje
4. 2 hemden – 2 broeken – 1 combinaison
5. zakdoeken (doos poeder en rood – boven in de schuif op Berts kamertje)
6. tube crème voor gesprongen huid
7. m’n geruite (carreaux) chemisier met lange mouwen bij Maria thuis naast
8. ’n luizenkam!!! ‘k heb er al een heele bende gepakt tot in m’n kleeren zelfs! en millanaise(1) voor den kop te wasschen

(5)
9. m’n boek “De Engelsche Taal” in de bibliotheek
10. ’n paar sloeffen en wollen sokken (geen kousen)
11. stuk zeep + tandpasta + speldjes voor ’t haar invisibles

Voor m’n pak met eten…
1. Er wordt niet naar gekeken of er meer is dan 6 kilo. Breng me dan liefst nog meer brood. Hier in de cel zijn er die zelfs drie brooden ontvangen en er wordt niets van gezegd.
2. De confituur had ik graag in een anderen pot want in de twee laatste blijft het niet goed.
3. Ik had graag enkele kleine wafels in ’t pak dat houdt langer goed.
4. En dan wou ik eindelijk eens veel veel nieuws – Dat Yvonnen eens schrijft naar m’n advocaat: hij kan me dan den brief laten lezen bij zijn bezoek – Schrijf maar alles hoe het thuis is want ik krijg altijd van andere kennissen
(6)
tegenstrijdige berichten.

Zijn m’n photo’s uitgehaald? Yvonne weet wel waar ze waren…

Is Jenny Van Osmael thuisgeweest met nieuws uit Hasselt?

En Leo Geyssens is hij reeds thuis geweest?

En dan moet ik naar mijnen Tarzan(2) vragen hoe is het er mee?

Beste Familie ik dank u hartelijk om al de moeite en ik hoop dat we spijts m’n bange vermoedens toch mekaar heel spoedig weerzien.
Breng ook nieuws van Bert.

Dikke kussen, Sim

Voeg in mijn pak ook mijn botten en mijn Russische blouse (dat is voor ons Sinterklaas en Kerstmisfeest in onze cel! m’n ververij in de schuif van de lavabo op Berts kamer voor ons toneel.

Noten

 

(1) Millanaise: Luizenshampoo “La Milanaise”, jaren ’30-’40-‘50 :

 

(2) Tarzan : Het hondje van Sim, hier 7 weken oud met Sim en geboren op Paasdag 1944 (Sim draagt hier waarschijnlijk de “Russische blouse” waarvan sprake in het post-scriptum van deze brief):

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *