{"id":2529,"date":"2018-10-17T11:25:21","date_gmt":"2018-10-17T09:25:21","guid":{"rendered":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/?page_id=2529"},"modified":"2024-03-11T03:02:36","modified_gmt":"2024-03-11T02:02:36","slug":"sint-kruis","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/","title":{"rendered":"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis"},"content":{"rendered":"<p><em><strong>Opmerking<\/strong>: Het interneringskamp te Sint-Kruis, Brugge (ICSK) &#8211; houten barakken die werden afgebroken &#8211; bevond zich op de plaats waar zich de huidige Marinebasis bevindt aan de Brieversweg:<\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-2542 size-large\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"251\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--300x143.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--768x367.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-.jpg 1668w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<p><em>&#8220;Tekening in \u00e9\u00e9n van de barakken&#8221;, Sint-Kruis:<\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-6.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-2543 size-large\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-6-1024x705.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"361\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-6-1024x705.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-6-300x207.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-6-768x529.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis-6.jpg 1120w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<p>Tekening van het kamp \u00a9 <span style=\"color: #0000ff;\">A. Vandenbussche<\/span><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/02\/IC-Sint-Kruis-8.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-8023 zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/02\/IC-Sint-Kruis-8-300x215.jpg\" alt=\"\" width=\"417\" height=\"299\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/02\/IC-Sint-Kruis-8-300x215.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/02\/IC-Sint-Kruis-8.jpg 611w\" sizes=\"(max-width: 417px) 100vw, 417px\" \/><\/a><\/p>\n<p><em>Oorspronkelijk door de Duitsers gebouwd als krijgsgevangenkamp (houten barakken) en later als doorgangskamp voor de eigen soldaten, werd het kamp na de bevrijding gebruikt als interneringscentrum voor collaborateurs. Zie hiervoor: &#8220;<span style=\"color: #0000ff;\">Brugs Ommeland, Marinebasis Sint-Kruis<\/span>&#8220;: <\/em><\/p>\n<p><em>&#8220;Voordat ze hierheen werden gebracht zaten ze in de schoolgebouwen in de Boomgaardstraat in Brugge. Maar dit was al vlug te klein. Alle gevangenen werden opgeladen in open vrachtwagens en in colonne overgebracht naar Sint-Kruis. Onderweg werden ze beschimpt en soms werden er met stenen gegooid. De levensomstandigheden waren de eerste dagen echt erbarmelijk. En voedsel was er bijna niet. Men kreeg \u00e9\u00e9n stuk brood en wat soep waarvan men liever niet wist wat er in zat. Dit was het rantsoen voor een ganse dag. Alles was ge\u00efmproviseerd men wou deze zwarten zo vlug mogelijk opsluiten. Kort na de bevrijding waren er reeds 1500 mensen in het kamp ondergebracht. Tegen het einde van december waren er reeds 2372. Waarvan 2100 mannen en een 272 vrouwen met kinderen. Deze mensen werden vanuit de gans provincie hierheen gebracht. Er was ook veel corruptie onder de bewakers. Het eten en de dekens die de familie van de gevangene bracht kwam meestal niet bij de bestemmeling terecht.. (&#8230;) De situatie verbeterde toen de verzetslieden, die aanvankelijk voor de bewaking instonden, werden vervangen door gevangenisbewaarders.&#8221;<\/em><\/p>\n<p><em>De verdere inhoud in dit artikel komt overeen met wat Nand beschrijft (o.a. de hitte en de gevangenisopstand).<\/em><\/p>\n<p>Huidige toestand, ingang Brieversweg (foto door H.M., 2019):<\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-1.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone size-large wp-image-4958 zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-1-1024x576.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"295\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-1-1024x576.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-1-300x169.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-1-768x432.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-1.jpg 2048w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-3.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone size-large wp-image-4959 zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-3-1024x576.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"295\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-3-1024x576.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-3-300x169.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-3-768x432.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Brevier-3.jpg 2048w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<p>Toestand in 1960:<\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9.jpeg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-8648 zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9-300x199.jpeg\" alt=\"\" width=\"528\" height=\"350\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9-300x199.jpeg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9-1024x679.jpeg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9-768x509.jpeg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9-1536x1018.jpeg 1536w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2020\/09\/IC-Sint-Kruis-9.jpeg 1744w\" sizes=\"(max-width: 528px) 100vw, 528px\" \/><\/a><\/p>\n<p>Fotobron:\u00a0<a href=\"https:\/\/zoeken.erfgoedbrugge.be\/Beeldbank\/HKK001000566A1512\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\">Erfgoedbank<\/a>. Bijschrift: \u201cMuur met prikkeldraadafsluiting gericht naar de binnenzijde van de kazerne. Op het einde van de muur de oude toegang tot \u2018het college van Sint-Kruis\u2019 (het interneringskamp voor de \u2018incivieken\u2019 bij de <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Repressie_(Belgi%C3%AB)#Epuratie\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\">epuratie<\/a>)\u201d<\/p>\n<p>Maar ook deze kazerne\u00a0<a href=\"https:\/\/www.hln.be\/brugge\/marinekazerne-van-sint-kruis-verhuist-in-2025-naar-zeebrugge-en-oostende-stad-wil-site-aankopen-en-goede-bestemming-geven~a4347466\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener nofollow\">zal verdwijnen in 2025<\/a>.<\/p>\n<p>Zie ook de Wikipediapagina <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Interneringscentra_(Belgi%C3%AB)_1944-1952#Interneringscentrum_Sint-Kruis\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">&#8220;Interneringscentra Belgi\u00eb (1944-1955)<\/span><\/a> over ICSK waarin Nand wordt vermeld evenals\u00a0<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Modest_Van_Assche\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\">Dom Modest Van Asssche<\/a>, abt van de abdij van Steenbrugge, waar hij hier over schrijft, net als andere &#8220;bekende Vlamingen&#8221; uit diverse beroepsgroepen.<\/p>\n<hr \/>\n<p>S I N T &#8211; K R U I S<\/p>\n<p>Prikkeldraad, wachttorens en barakken, een concentratiekamp: wij waren ter bestemming.\u00a0 Met honderden en honderden werden wij daar ontscheept, mannen oud en jong, vrouwen en meisjes.\u00a0 Er werd niet veel gesproken, maar elk dacht voor zich hetzelfde: was d\u00e0t het antwoord van het humanisme?\u00a0 De vrije wereld beteugelde de concentrationaire euveldaden op een nogal onverwachte manier, nl. door het oprichten van \u2026 concentratiekampen.<\/p>\n<p>Een bekend en hoogstaand advocaat en verzetsman zou het in \u2019t publiek verklaren dat de Belgische kampen van de Duitse niet veel te leren hadden \u2013 dat heeft in alle kranten gestaan, ik moet er hier niet verder op ingaan.\u00a0 Het volstaat dat ik vluchtig de sfeer oproep waarin mijn leven zich afspeelde, en de weerslag daarvan op mijn denken en mijn literair werk.\u00a0 Het volgende heb ik in elk geval meegemaakt: herhaaldelijk zou het kamp door verzetslieden worden bezocht \u2013 niet om te zien of wij menselijk werden behandeld, maar om na te gaan of wij het niet te goed hadden.<\/p>\n<p>In de eerste dagen waren dergelijke bezoeken ten enen male overbodig.\u00a0 Bij de aankomst moesten we elk een eetketeltje nemen \u2013 er lagen er een hele berg van alle mogelijke vormen, geblutste, beschimmelde en dies meer, alles op elkaar gehoopt als een piramide van blik.\u00a0 We \u201cmoesten er maar de beste uitkiezen\u201d.\u00a0 De barakken waren klaargemaakt om ons te ontvangen.\u00a0 Ik kwam in Barak U terecht.<\/p>\n<p>Naast Barak U was een diepe greppel gegraven, aan de rand daarvan was een lange dennenstam op zithoogte aangebracht: de W.C. van het kamp.\u00a0 D\u00e0t onder de vensters hebben was een prettig vooruitzicht, vooral als de wind uit het westen zou waaien.\u00a0 Wij zouden eerlang bemerken dat er nog andere ongemakken aan verbonden waren, toen de grote witte wormen bij honderden uit de kuil opstegen en over het kamp uitzwermden.\u00a0 In de barakken bestond de W.C. uit grof in elkaar getimmer-de hokken boven open beerputten.\u00a0 In de ziekenbarak, zoals ik eerlang zou ondervinden, zat men eveneens op een ruwhouten getimmerte boven een kuip.\u00a0 Wie aan afloop leed \u2026<\/p>\n<p>De bedden-met-verdieping stonden twee aan twee opgesteld.\u00a0 De doorgang tussen elke groep van vier bedden was nauwelijks een halve meter breed \u2013 wat een oorzaak was van voortdurende wrijvingen.\u00a0 De middengang waar de tafels en banken stonden was ietwat breder, maar al bij al zaten wij nogal benepen.\u00a0 \u2019s Morgens, spijt de open vensters hing er in de muffe barak een akelige stank.<\/p>\n<p>In een paar barakken was de binnenarchitectuur anders opgevat.\u00a0 Daar was op manshoogte aan weerszijden een verdieping getimmerd: op de planken lagen de strozakken naast elkander, daaronder, als onder een afdak, sliepen de anderen gelijkvloers.\u00a0 Hier lagen de mensen tegen elkander, en tijdens de lange wintermaanden gaf dat wel een beetje warmte.\u00a0 Maar er was ook een ongemak aan verbonden: de promiscu\u00efteit.\u00a0 Een vriend en collega van mij met wie ik wel eens \u201cwandelde\u201d, kreeg op die wijze een nogal onverwacht geschenk van zijn buurman.\u00a0 Deze was niet al te zindelijk, en zat met luizen geplaagd, wat hem niet hinderde.\u00a0 Het hinderde wel mijn vriend, die steeds weer genoopt was zich van zijn ongewenste bezoekers te bevrijden.\u00a0 Een Sisyphus-arbeid om gek van te worden.<\/p>\n<p>Er was nog een ander type van verblijf.\u00a0 Deze waren ruimer, heel wat ruimer want eigenlijk waren het hangars, waar het eindeloos tochtte.\u00a0 Een paardenkoopman zei ervan: sluit paarden hierin op, zij houden het geen week uit.<\/p>\n<p>Een goede zijde van het kamp was de mogelijkheid om vrij over de betonbanen te kuieren, vanzelfsprekend op gezette uren, en in den beginne onder het waakzame oog van tot de tanden gewapende O.F.-mannen.\u00a0 Hoe teneerdrukkend dat ook was, de wandeling ontsloot de barak, je kon vrienden gaan opzoeken, een peripatetisch gesprek voeren dat de moeite waard was.\u00a0 Het deed je het troosteloze gezicht van die honderden aanschuivende opgeslotenen vergeten, of zoveel.<\/p>\n<p>De bevolking was zeer gemengd.\u00a0 Steenrijke economische collaborateurs, mannen met gemeen rechtelijk dossier, SS-mannen, politieke deliquenten uit alle standen van de maatschappij, dokters, seizoenarbeiders, een baron, een graaf, burgemeesters, schrijvers en schilders, professors, rechters en procureurs \u2013 een bont allegaartje waar de overspannen zenuwen plotse uitbarstingen tot gevolg hadden.<\/p>\n<p>Het leven in een kamp of gevangenis stelt problemen waarvan de gezeten burger in zijn huiskring geen voorstelling heeft.\u00a0 Je wordt daar op goed geluk af door elkaar geworpen en opgesloten.\u00a0 Sommige typen kunnen zich aan zo\u2019n bestaan aanpassen (een seizoenarbeider, bij voorbeeld, nam het geval, rustig op \u2013 hij moest geen zwaar werk verrichten), andere niet.\u00a0 De ene mens kan drukte rondom zich verdragen \u2013 anderen niet.\u00a0 Sommige karakters gaan goed samen, andere komen voortdurend in botsing.\u00a0 Wij hebben het meegemaakt hoe in de gevangenis het gedwongen samenleven met al die menselijke ellende daaraan verbonden, zo op de psyche inwerkte, dat celgenoten ten slotte met opgeheven tafelmes op elkander losvlogen.<\/p>\n<p>Mensen die buiten de gevangenis goede vrienden waren, eindigden met als vijanden uiteen te gaan.\u00a0 Wie zal de steen werpen?\u00a0 Je moet het hebben meegemaakt om het te begrijpen, en te vergeven.<\/p>\n<p>Van meet af aan heb ik een poging gedaan om mij aan een dergelijk bestaan aan te passen: dat het mij moeite heeft gekost zal ik niet verhelen \u2013 het viel mij in de rumoerige barak niet mee.\u00a0 Waren het alleen maar mensen uit de beweging geweest \u2026\u00a0 Maar hier was van alles met de grove bezem bijeengeveegd, en dan treedt het bekend verschijnsel op dat de Fransman kenmerkt als \u201cle nivellement par le bas\u201d.<\/p>\n<p>Ik had tot dusver mijn leven volgens bepaalde maatstaven ingericht.\u00a0 Ik had mijn tijd zo nuttig mogelijk besteed, een ingekeerde afzondering bestreefd, gewijd aan schoonheid en vruchtbare stilte; ik had innig met de natuur samen geleefd.\u00a0 Kortom ik had gepoogd.\u00a0 Hadewijchs gulden raad op te volgen: levet scone.\u00a0 Nu was de ontwaking achter de prikkeldraad eerder ontnuchterend.\u00a0 Mij had het lot van de activisten voor ogen gezweefd: politiek regime en dies meer.\u00a0 Dit was wat anders: het leek wel een golf van terreur.\u00a0 Er werd toegeslagen, en hoe \u2026<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Hadewijch_(schrijfster)\" target=\"_blank\" rel=\"nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">Hadewijch<\/span><\/a>: 13de eeuwse dichteres en mystica. Het citaat &#8220;levet scone&#8221; (leef schoon) komt uit de laatste regel van haar 26ste brief: &#8220;vaert wel en levet scone&#8221;. De brieven zijn online te lezen (pdf) in de <a href=\"https:\/\/www.dbnl.org\/tekst\/hade002brie01_01\/colofon.php\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\">uitgave van Jozef Van Mierlo<\/a> sj. uit 1947.<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Ontstellend was vooral het besef dat al wat tot nog toe de reden geweest was van ons bestaan, ineens en naar alle schijn reddeloos in elkaar stortte.\u00a0 Ik zag dan mijn plaats daarin, en moest een gevoel van vertwijfeling bekennen dat veel van mijn literair werk onder het puin van de ineenstorting begraven lag.\u00a0 \u201cMijn volk wordt groot \u201c\u2026\u00a0 Wat was dat alles vreemd en ver.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: &#8220;Mijn volk wordt groot&#8221;: citaat uit het gelijknamige gedicht uit de bundel &#8220;Heervaart&#8221;, 1941 van Nand:<\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Volk-2.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone size-large wp-image-4928 zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Volk-2-837x1024.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"642\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Volk-2-837x1024.jpg 837w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Volk-2-245x300.jpg 245w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Volk-2-768x939.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/02\/Volk-2.jpg 1563w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<hr \/>\n<p>Tijdens de eerste nachten op de hard britsen was er van slapen geen sprake.\u00a0 Urenlang donderden de kanonnen over de barakken heen,\u00a0 zodat de houten wanden en wijzelf op onze strozakken ervan sidderden.\u00a0 Langzamerhand werden de laatste Duitsers naar hun grens teruggedreven, en het hol geluid van de nachtelijke losbrandingen was als een somber noodlotsthema \u2013 ook voor ons.<\/p>\n<p>Het Avondland veranderde van meester \u2013 een nieuwe wereld, de Atlantische was in aantocht.\u00a0 En de Russische Beer zakte naar het westen af.\u00a0 Wat zou er van het traditionele Europa nog overblijven?\u00a0 Ons, strijdende Vlamingen beloofde een kamp als Sint-Kruis niet veel goed \u2013 dat \u201ckruis\u201d zou zwaar wegen.<\/p>\n<p>De kanonnen zwegen.\u00a0 De plots intredende stilte liet als het ware een leegte na.\u00a0 Nu wisten wij het: er was niets meer aan te veranderen.<\/p>\n<p>In het kamp, evenmin als in de school te Brugge was er eten genoeg.\u00a0 De \u201csoep\u201d van gedeshydreerde groenten had een bedenkelijke smaak, bijwijlen werd een vreemdsoortig toevoegsel uit de bidons met het vocht opgevist \u2013 sommigen beweerden zelfs dat het naar urine rook.\u00a0 Dat lag misschien aan de \u201cgroenten\u201d; de smaak in elk geval was alles behalve lekker, maar er was niets anders.<\/p>\n<p>De economische collaborateurs (de grote snoeken) die met geld konden smijten, waren er het best aan toe.\u00a0 Sommige bewaarders waren altijd bereid tegen een passende vergoeding een extra hapje binnen te smokkelen.\u00a0 Zij bogen zogenaamd over het bed om iets mede te delen, intussen haalde betrokkene uit de jaszak van de ordebewaarder wat erin te vinden was.\u00a0 Niemand had iets bemerkt.<\/p>\n<p>Bij de meesten ging de vermageringskuur in versneld tempo haar gang.\u00a0 Bepaalde mensen kregen een ander gezicht, de huid hing flets om de jukbeenderen, de kleren hingen slap om het lijf.<\/p>\n<p>Je zag er waarachtig die tussen de afval op de vuilhopen gingen zoeken.\u00a0 Ik herinner mij dat iemand mij gelukkig maakte toen ik de schil van een binnengetoverde appel mocht opeten.<\/p>\n<p>Hoeveel mensen waren er in het kamp?\u00a0 Het juiste cijfer weet ik niet meer \u2013 zeker toch een drieduizend.\u00a0 Die eerste zondagmorgen in het kamp stond er in elk geval een hele massa opgeslotenen in de grote hangar bijeen, waar Dom van Assche<a id=\"modest\"><\/a> op een verhoogd altaar de mis zou opdragen.\u00a0 Die d\u00e0t meegemaakt heeft zal het niet licht vergeten.\u00a0 Tot in de ziel aangegrepen, velen met tranen in de ogen, stonden onze mensen, onder wie ook ongelovigen zich hadden gemengd, tot onderaan het altaar.\u00a0 Op het verhoog verscheen de abt in zijn groen misgewaad als de offeraar, die tot God sprak over het lijden van al die mannen en vrouwen, die voor het merendeel slechts hadden gecollaboreerd, omdat zij het beste voor hun volk hadden gewild, en er alles voor hadden gegeven.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Modest_Van_Assche\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">Dom Van Assche<\/span><\/a>:\u00a0 &#8220;Dom Modest Van Assche, geboren als Alfons Van Assche, (Erembodegem, 18 mei 1891 &#8211; Brugge, 30 oktober 1945) was een Belgisch benedictijn en abt van de Sint-Pietersabdij van Steenbrugge te Assebroek (&#8230;)\u00a0Uiteindelijk bezweek Dom Modest in het\u00a0<a title=\"Oud Sint-Janshospitaal\" href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Oud_Sint-Janshospitaal\" target=\"_blank\" rel=\"nofollow\">Sint-Janshospitaal<\/a>\u00a0te Brugge aan de gevolgen van zijn gevangenschap. Zijn schuld werd nooit bewezen en geeft nog steeds aanleiding tot speculaties.&#8221;<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>\u201cLaten wij bidden,\u201d zei de Abt aan \u2018t offertorium plots in het Nederlands, \u201cvoor hen die wij durven te noemen: onze vijanden \u2026\u201d<\/p>\n<p>Een hoorbare stilte volgde op die woorden.\u00a0 Er ging van de grote gestalte met het geschoren hoofd een onzegbare wijding uit, waaraan allen in de naakte hangar deelachtig werden.\u00a0 Elk van ons droeg het leed der anderen, wij waren een levende en lijdende gemeenschap.\u00a0 Dit was waarlijk een gesprek met God, van aangezicht tot aangezicht.\u00a0 God was als het ware voelbaar aanwezig onder ons, opgejaagden in dit kamp zonder genade.\u00a0 Tot Hem alleen konden wij ons richten.\u00a0 En het gebed was een echo van Golgotha: \u201cHeer, vergeef het hun \u2026\u201d<\/p>\n<p>Dit misoffer viel niet in goede aarde.\u00a0 Vader Abt werd uit het kamp weggehaald, naar het Pandreitje in Brugge overgebracht en in de cel opgesloten, waar hij, zoals bekend, een ellendige dood zou sterven.<\/p>\n<p>Dergelijke ogenblikken van haast ondraaglijke spanning zoals die mis brachten mij aan het denken.\u00a0 Ik dacht vooral aan een gesprek dat ik in de trein van Brussel naar Oostende had gevoerd, heel toevallig, met de voorzitster van de Vrouwenbeweging, Mevrouw Mar\u00e9chal, nu overleden, en waarin ons beider zienswijze zo onverwacht eensluidend was geweest.<\/p>\n<p>Het einde was nabij \u2013 dat was duidelijk.\u00a0 Dan was ook de beteugeling ophanden.\u00a0 Had de leiding daaraan gedacht?\u00a0 Had niemand de mogelijkheid onder ogen genomen om maatregelen te treffen van die aard dat zij de reactie enigszins zouden milderen door bij voorbeeld het onderscheid te beklemtonen tussen politieke collaboratie, een opiniedelict, en de veile jacht op werkweigeraars?\u00a0 Zij had de gedachte geopperd, zei ze, maar had aan dovemansdeur geklopt.\u00a0 Wij zaten tegenover elkander in de schommelende trein, en spraken niet meer.\u00a0 Maar zij richtte op mij een blik die als het ware al het leed voorzag dat onvermijdelijk komen moest.<\/p>\n<p>Nu was de werkelijkheid erger dan wij toen konden vermoeden.\u00a0 In de kampen zaten duizenden en duizenden mensen opeengehoopt: vaders van grote gezinnen, huismoeders door God weet wie aangeklaagd, jonge meisjes zaten tussen deernen opgesloten, de achtergebleven zagen zwarte sneeuw, kinderen aan hun lot over-gelaten.\u00a0 En wat kon al die mensen ten laste worden gelegd dat eigenlijk misdadig was?\u00a0\u00a0 Ik heb in die dagen brieven geschreven voor wanhopige vaders die de vertwijfeling nabij waren \u2013 zelfs bisschoppen bleken machteloos.\u00a0 Welke machten er aan \u2019t werk waren bleek uit het geval van de Abt.<\/p>\n<p>Het gebrek aan eten, aan elementaire hygi\u00ebnische voorzorgen geneesmiddelen, bij voorbeeld, had spoedig tot gevolg dat allerlei ziekten uitbraken.\u00a0 Huidziekten, schurft, etterende wonden, maar ook epidemische infecties als tyfus \u2013 een genadige vorm, zo werd er gezegd, maar toch erg genoeg opdat de zieke bloed zou afgaan en aan een uitputtende koorts ten prooi vallen.\u00a0 De ziekenbarak was propvol, en er lagen heel wat gevallen in de barakken, in de bedorven lucht, in de rook, op veelbeslapen strozakken, bedekt met dekens waar de vlooien op krielden. (Van tijd tot tijd werden razzia\u2019s gehouden met D.D.T. \u2013 zij bleken onuitroeibaar.)<\/p>\n<p>Op een morgen ontwaakte ik met koorts en buikkrampen: ik had de tyfus-bacil te pakken.\u00a0 De dokters, allen opgeslotenen, ruimden voor mij een plaatsje in de ziekenzaal in \u2013 daar was de omgeving alleen al een opbeuring \u2013 je werd er verzorgd bovendien.\u00a0 Op een brits liggend in een rumoerige barak had je een gevoel alsof je aan je lot overgelaten werd, en dat maakte je nog ellendiger.\u00a0 Hier in de ziekenzaal deden verplegers, meisjes en jonge vrouwen het onmogelijke om al die zwaar zieken de nodige zorgen te verstrekken \u2013 hun toewijding was bewonderenswaardig.\u00a0 Maar medicamenten waren er praktisch niet.\u00a0 Ik kreeg eenmaal een mondvol geraspte appel, verder was het gestampte houtskool door gewillige handen in het kamp zelf bereid.<\/p>\n<p>Verscheidene dagen hielden de krampen aan, en kwam het bloed, toen trad langzaam beterschap in, zodat ik al eens kon opstaan.\u00a0 Andere gevallen evolueerden minder gunstig, verscheidene goede vrienden moesten naar het gasthuis in Brugge worden overgebracht.\u00a0 Stervenden waren in het kamp ongewenst.<\/p>\n<p>Verder verzwakt, en nog niet heel vast op mijn benen, mocht ik naar de barak terug.\u00a0 Daar was mijn brits door een ander bezet &#8211; dat was een van de ongemakken aan ziek-zijn verbonden.\u00a0 Zo kwam ik naast een man te liggen, die, overdag de vredigste mens ter wereld, zich tijdens de nacht tot een baarlijke duivel ontpopte.\u00a0 Hij wipte omhoog in zijn slaap, met armen en benen zwaaiend als een opstijgende helikopter.\u00a0 Dan plofte hij neer en ontwaakte met een schok. Ik deed alsof ik sliep \u2013 wie zou onder dergelijke omstandigheden een oog kunnen dichtdoen? \u2013 maar hield hem tersluiks in de gaten.\u00a0 Telkens als hij op zijn brits teruggevallen was, boog hij zich behoedzaam over mij neer, en bezag mij met wijd opengesperde blik.\u00a0 Misschien was het alleen maar om na te gaan of hij met zijn nachtelijke zweeftocht had gewekt \u2013 maar op de duur werd het mij onbehaaglijk te moede \u2013 bij de eerste gelegenheid verhuisde ik naar rustiger oorden.\u00a0 Het was een brits waarin ik niet rechtop kon zitten: ik moest er in liggende houding inschuiven: maar ik was van dat hinderlijke kunst-en-vliegwerk af.<\/p>\n<p>Later zou ik opnieuw in de ziekenbarak worden opgenomen.\u00a0 Deze keer was het een scherpe aanval van ischias, opgedaan in de vochtige barak zonder vuur, die het mij onmogelijk maakte te bewegen zonder mij, onder hevige pijnen aan iets vast te klampen.\u00a0 Eigenlijk had ik mij niet als ziek opgegeven, maar een dokter die mij als een maanzieke langs de muur van de barak mijn lijf zag voorttrekken, ontfermde zich over mij, en liet mij opnemen.\u00a0 Het was geen grapje.\u00a0 Wie het ooit meegemaakt heeft, kan het weten: het is of je vlees gewoonweg met scherpe messen van je been wordt gereten.<\/p>\n<p>Terwijl ik daarvan aan het herstellen was, bemerkte ik op een morgen bij het ontwaken, dat zich op mijn schedel grote bobbels gevormd hadden.\u00a0 Zij puilden nu eens aan de een, dan weer aan de andere, mijn neus zwol op, dan mijn mond, ten slotte kreeg ik over het hele lijf een roodopgezwollen uitslag die een kwellende jeuk veroorzaakte.\u00a0 Pijn kan je enigermate verduwen maar een nooit aflatende jeuk is niet uit te staan.\u00a0 Ik rilde en huiverde dag en nacht.\u00a0 Het was een soort vergiftiging \u2013 maar wat was de oorzaak?\u00a0 Bedorven voedsel, een allergie voor een of ander medica-ment?\u00a0 De kwaal was hardnekkig en vergde een reeks inspuitingen, calcium, strontium, met grote moeite bemachtigd voor een schoktherapie in de aders die alles behalve prettig aandeed.\u00a0 Niet dat het de dokters aan toewijding mangelde: ik heb ze integendeel, zo een zo allen bewonder: zij lieten niets onverlet om het lot van de opgeslotenen ietwat draaglijker te maken.<\/p>\n<p>Zij wisten het zelfs te bewerken dat ik naar het gasthuis in Brugge mocht gaan, om mijn been elektrisch te laten behandelen.\u00a0 Daar werden wij echter niet bijzonder hartelijk bejegend.\u00a0 De omstandigheden waren er ook niet naar: het was de tijd toen de weggevoerden uit de Duitse kampen werden gerepatrieerd.\u00a0 Ik zat, met een paar andere zieken uit het kamp op mijn behandeling te wachten, wij werden door twee gendarmes bewaakt, en mochten geen woord spreken.\u00a0 Om de tijd te korten had ik een boek uitgehaald, het was, als ik mij goed herinner &#8220;The Golden Treasury&#8221;, een bloemlezing Engelse verzen die ik aan de universiteit gebruikt had.\u00a0 Dat was niet naar de zin van onze bewakers, want plots trad een van hen op mij toe: \u201cDat boek weg\u201d, snauwde hij, \u201cgevangenen mogen geen boeken hebben!\u201d<\/p>\n<p>Het boek was door de directie van het kamp toegelaten, maar ik stopte mijn bloemlezing berustend weg, en dacht er het mijne van.<\/p>\n<p>Maar de gendarme zag mij doordringend aan, en wendde zich tot zijn gezel: \u201cDat is Ferdinand V., zei hij, op mij wijzend,\u201d \u201cvan de IJzerbedevaart!\u201d\u00a0 Uit de norse blikken van de twee mannen kon ik afleiden dat zij dat als een vergrijp beschouwden.\u00a0 De IJzerbedevaart: Indien er \u00e9\u00e9n organisme was waar de Duitsers op gebeten waren, dan was het wel de (pacifistische) IJzerbedevaart.\u00a0 Ik was al sedert mijn studententijd lid van het comit\u00e9, dat bleek nu ook al een misdaad \u2026<\/p>\n<p>Niet zonder galgenhumor bedacht ik dat wij, die hier op een rijtje zaten eigenlijk ook weggevoerden waren, en dan nog wel in eigen land.\u00a0 Ik kwam hierheen om een behandeling te ondergaan voor een kwaal achter de prikkeldraad opgedaan.<\/p>\n<p>Maar van die behandeling zou ook niet veel meer in huis komen.\u00a0 Ik mocht in het kamp blijven.<\/p>\n<p>Dat kamp \u2013 daar was besmetting schering en inslag.\u00a0 Oorspronkelijk tot enkele verspreide gevallen beperkt, bleek onverwacht schurft een vrij algemeen ver-schijnsel.\u00a0 Met een schok en een onuitsprekelijk gevoel van walg stelde ik vast dat ik op mijn beurt de onmiskenbare kentekens vertoonde.<\/p>\n<p>Was de huidziekte op zichzelf ontmoedigend, de behandeling was evenmin alles behalve aantrekkelijk.\u00a0 Het gebeurde in een klein besloten hok, waar het alles behalve netjes was, en waar alles in een onbeschrijfelijke promiscu\u00efteit door elkaar lag.\u00a0 De behandelde moest opletten dat hij het besmette ondergoed van zijn nog te behandelen gebuur niet bij vergissing aantrok.\u00a0 Er is zelfs eens een \u201cgrappiger\u201d vergissing gebeurd waarover in de barakken nog lang werd gelachen, en niet zonder leedvermaak.\u00a0 Een vermogende vriend was er eens in geslaagd een stortbad te bekomen.\u00a0 Die lagen in het hokje daarnaast, en waren voorbehouden voor vrouwen, sommige zieken, enz.\u00a0 Na het bad kwam onze vriend terug in het andere lokaaltje waar enkele slachtoffers van de schurft zich aan \u2019t reinigen waren.\u00a0 Daar heerste, zoals gemeld, de grootste verwarring op gebied van ondergoed, en niet zonder ontsteltenis bemerkte de gelukkige bader dat hij de vuile onderbroek van een schurft-leider aan \u2019t aanschieten was \u2026<\/p>\n<p>Over de behandeling zelf zal ik maar een paar woorden reppen.\u00a0 Een moedertje uit de vrouwenbarak offerde zich in deze hel op, om de jongens te helpen.\u00a0 Spiernaakt, werden zij met een brandend vocht ingesmeerd, waarvan de stank wekenlang in hun kleren bleef zitten.\u00a0 Ik gis dat het goed creoline was, een vocht waarmee de stallen ontsmet worden en de grote troepenkamers in de kazerne; het was in de letterlijke zin des woords adembenemend.\u00a0 En nog spaar ik een paar onverkwikkelijke bijzonderheden die niet \u201cgeselfschaftsf\u00e4hig\u201d zijn.<\/p>\n<p>Op een andere keer ging een besmetting van heel wat tragischer aard door de opgepropte barakken.\u00a0 Waren er gevallen van kroep vastgesteld?\u00a0 Het is nooit uitgelekt, wel moesten alle opgeslotenen zich tegen de gevreesde ziekte laten inenten.\u00a0 De dokters stonden niet weinig te kijken toen honderden mensen met hoge koorts op hun brits gingen liggen: ikzelf, verzwakt als ik was door de ondervoeding, was bij de eerste slachtoffers \u2013 en weer was het de ziekenbarak.\u00a0 Toen de oorzaak van de ziekte deskundig werd onderzocht, bleek dat de betrokken diensten een besmet serum hadden bezorgd.<\/p>\n<p>Daar ik heel wat dagen en nachten in de ziekenzaal heb gesleten, mocht ik er niet weinig pijnlijke tonelen meemaken.\u00a0 Eens bracht men een oudere man binnen, die men zo onbarmhartig geslagen had, dat hij op een berrie moest vervoerd worden.\u00a0 Het nieuws ging als een vuurtje door het kamp, en wekte grote ergernis.\u00a0 Aangrijpender nog was het geval van een jongen die men hier ook had afgeleverd met het bericht dat hij \u201cgedoemd\u201d was.\u00a0 Of hij ook slagen gekregen had kan ik mij vandaag niet meer herinneren, hoe dan ook niet zonder verslagenheid vernamen wij dat de dokters hem hadden opgegeven: hersenkoorts.<\/p>\n<p>Het was hard, en al wie het kon, trachtte de jongen met een lekker hapje of wat ook een genoegen te doen.\u00a0 Maar zijn toestand verergerde zienderogen en plots ging hij luidop praten, zodat de jonge stem met het geluid van een luidspreker door de barak dreunde.\u00a0 Hij scheen de inhoud van een brief op te zeggen, het ging in elk geval over een pakket, en telkens weer werd het zielige bericht herhaald: \u201ceen pakket van vijf kilo ..\u201d\u00a0 Wij lagen machteloos en tegen wil en dank te luisteren.\u00a0 Liefst hadden wij de vingeren in de oren gestopt, maar wij moesten wel het hele verloop van de kwaal meemaken.\u00a0 Dan bracht men hem naar het gasthuis \u2026 om te sterven.\u00a0 Hij was bitter jong, amper twintig jaar.\u00a0 Nog altijd hoor ik de hoge eentonige stem.<\/p>\n<p>Soms bleken inderdaad de ziekenbarak en medicamenten machteloos.\u00a0 Een kwaal waaraan ik evenmin was ontsnapt was het verschijnsel dat in alle concentratiekampen \u2026 normaal is, het tandvlees zwelt op, de tanden komen los en vallen uit.\u00a0 Ten slotte kun je niet meer kauwen, niet meer eten.\u00a0 Terwijl ik op mijn brits de schrale kampkost moeizaam aan het verorberen was, heb ik dikwijls zitten denken aan een Pool die ik eens tijdens de oorlog toevallig ontmoette.\u00a0 Hij had in een Russissch concentratiekamp gezeten, maar was dan toch in vrijheid gesteld geweest.\u00a0 Toen ik hem vroeg hoe hij het daar gemaakt had, antwoordde hij niet.\u00a0 Hij zag mij strak aan, en trok met welsprekend gebaar het kunstgebit uit zijn mond.\u00a0 Met zijn invallende wangen zag hij er plots als een doodshoofd uit, op de felle ogen na die mij strak en heftig bewegen aanstaarden.\u00a0 Hij zei niets meer, het was ook niet nodig.\u00a0 Nu zoveel jaren later, zou het mij en zoveel anderen vergaan \u2013 en dat gebeurde hier, niet in Siberisch Rusland, maar in eigen land, op enkele uren van onze geliefden.<\/p>\n<p>De meewarige reeks van ongemakken kon nog worden aangevuld, maar met Multatuli zou ik moeten verontschuldigen: mijn verhaal is eentonig, lezer.\u00a0 Ik laat dan maar het een en ander ongezegd.\u00a0 Alleen dit nog, omdat het \u201congemak\u201d zich later doorzette.\u00a0 Het is begrijpelijk dat de materi\u00eble en morele nood waarin opgesloten achter prikkeldraad dag aan dag leven, zijn weerslag heeft op een reeks verzwakt gestel.\u00a0 Af en toe werd ik overvallen door krampen en brakingen \u2013 ze leken van galachtige oorsprong \u2013 die ik dan maar zonder ziekenzaal te boven kwam door een paar dagen \u2026 vasten.<\/p>\n<p>Kan het anders dan dat je in dergelijke omstandigheden denkt aan een ongunstige afloop, dat je gekweld wordt door de vrees dat je het er niet levend afbrengt, dat de aftakeling het zal halen?\u00a0 Wie zal het de dichter euvel duiden dat hem gedachten worden ingegeven als \u201c<span style=\"color: #0000ff;\">Najaar<\/span>\u201d, waarin hij zich, in kosmische verbondenheid met de herfst, naar het duister van het dode jaargetijde voelt afglijden?<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>(nvdr.: gedicht Najaar uit po\u00ebtisch gevangenisdagboek:)<\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Najaar.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-3578 size-large zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Najaar-1024x860.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"441\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Najaar-1024x860.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Najaar-300x252.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Najaar-768x645.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Najaar.jpg 1071w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<p>Najaar<\/p>\n<p><em>Nu naakt het uur van \u2019t onmeedoogend scheiden,<\/em><br \/>\n<em>de herfst, als heel het bosch verlaten bloedt,<\/em><br \/>\n<em>ik ben als een die schuldloos sterven moet,<\/em><br \/>\n<em>een mensch die lijdt met \u2019t eindloos wereldlijden.<\/em><\/p>\n<p><em>Ik ben als tranen die aan wimpers beven;<\/em><br \/>\n<em>ik ben de verre vogel boven \u2019t wad<\/em><br \/>\n<em>ik ben het laatste, losgewoelde blad<\/em><br \/>\n<em>dat rilt en rillend valt in vochtige dreven.<\/em><\/p>\n<p><em>Dit leed is zonder naam \u2013 nee, spreek geen woord &#8211;<\/em><br \/>\n<em>het duldt geen spreken dat het sterven stoort:<\/em><br \/>\n<em>ik ben de zwijgende die zonder tranen schreit.<\/em><\/p>\n<p><em>Dan zwijgt, gij vrienden, die dit zwijgen ziet,<\/em><br \/>\n<em>uw troost bereidt geen zalf voor zulk verdriet<\/em><br \/>\n<em>ik ben een eenzame in de wereldeenzaamheid.<\/em><\/p>\n<p><em>St. Kruis 8.8.45<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Maar in het westen, scherp tegen het avondrood afgetekend, waren de torens van Brugge. \u00a0\u00a0Ik\u00a0 heb\u00a0 dikwijls,\u00a0 door\u00a0 de\u00a0 prikkeldraad\u00a0 heen\u00a0 in\u00a0 die\u00a0 richting\u00a0 staan\u00a0 turen.<\/p>\n<p>Stenen getuigenissen van oude roem en weerbaarheid, stonden zij onbewogen in het vergezicht \u2013 ook als het volk hun betekenis niet meer begreep.\u00a0 Wij zouden trouw blijven als de toren, groter dan de hoon ons aangedaan, levend van de liefde tot ons volk dat onze daad eens beter zou begrijpen.\u00a0 Wij hadden voor dit volk niets minder dan het beste gewild.<\/p>\n<p>\u201cWij blijven, gij en ik, in onze stilte groot \u2026\u201d<\/p>\n<p>In die dagen van gemeenschappelijk gedragen leed heb ik het in po\u00ebziealbums dikwijls neergeschreven: \u201cliefde verwint de haat\u201d.\u00a0 Ook een vers uit Ragnarok heb ik herhaaldelijk aangehaald; waar sprake is van dood en ondergang, maar ook van een gelouterd herboren worden, van geloof aan de uiteindelijke wedergeboorte van ons volk tot een ontvoogd bestaan.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>Gedicht Ragnarok (<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Ragnarok\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">betekenis<\/span><\/a>: ondergang der goden en de wereld die daarna lijdt tot een wedergeboorte)\u00a0 uit de bundel &#8220;Hansa&#8221;, 1943:<\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/Ragnarok-2.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone size-large wp-image-4472 zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/Ragnarok-2-1024x731.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"375\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/Ragnarok-2-1024x731.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/Ragnarok-2-300x214.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/Ragnarok-2-768x548.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2019\/01\/Ragnarok-2.jpg 2048w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<hr \/>\n<p>Om het kapittel \u201cziekenbarak&#8221; af te ronden ben ik op de gebeurtenissen ietwat vooruitgelopen.<\/p>\n<p>Wat bij de algemene verzwakking eigenlijk vanzelfsprekend hoorde te zijn, was intussen toegelaten: eten van buiten te ontvangen.\u00a0 Dat maakte het bestaan al enigszins dragelijk.\u00a0 Eens kon ik tot bij de prikkeldraad sluipen en een glimp krijgen van mijn oude vader die geduldig in de rij stond te wachten met een pakket, en mij met een schok herkende.\u00a0 Dat was het eerste weerzien sinds de dag dat ik op een vracht-wagen uit Gistel werd weggevoerd.\u00a0 Een weerzien met de prikkeldraad tussen ons beiden van \u00e9\u00e9n kort ogenblik.\u00a0 Hij zag er vermoeid uit en lachte ontroerd, maar oude zeebonk die hij was, kende hij geen versagen.\u00a0 Heel de tijd van mijn opsluiting zou de man mij om de veertien dagen dat pakket komen brengen.\u00a0 Meer dan eens heb ik aangedrongen dat hij om de maand zou komen.\u00a0 Hij is er nooit willen op ingaan.<\/p>\n<p>Het was erg dat hij telkens die lange weg moest afleggen, maar het pakje bracht iets meer mee dan eten of linnen: het betekende een band met thuis, en voor de oudjes was het ook een troost.<\/p>\n<p>Het extra hapje brood was broodnodig.\u00a0 Over de honger die ik, met mijn grote gestalte, daar geleden heb, zal ik maar liever niet uitweiden.\u00a0 Vrienden die mij wilden helpen hadden mij een tijdlang een baantje bezorgd in het magazijn.\u00a0 Ik moest \u2019s morgens het brood helpen uitdelen, als er dan hier of daar een overschotje was, kon ik aldus een hapje meer krijgen.<\/p>\n<p>Na de allereerste weken verbeterde het eten.\u00a0 Niet dat het zo bijzonder voedzaam geworden was.\u00a0 Eens kreeg het kamp het bezoek van verzetslieden die kwamen zien wat wij te eten kregen.\u00a0 Ze keken nogal stuurs toen zij een vat rode kool zagen staan, gereed om uitgedeeld te worden.\u00a0 Zo gezien zag het er nogal stevige kost uit.\u00a0 Hun werd evenwel medegedeeld dat van dat ene vat een avondmaal werd bereid voor een drieduizend gevangenen, en wel door het toevoegen van de nodige vaten water.<\/p>\n<p>Tijdens mijn werk in het magazijn was ik getuige van een toneeltje dat in een vaudeville niet misplaatst zou zijn ware het in de grond niet zo tragisch geweest.\u00a0 De offici\u00eble dokter van het kamp, een van de zeldzame mensen met een hart blijkbaar, verscheen eens in het lokaal waar de schrale reserves van het kamp waren opgeslagen.\u00a0 Hij ging staan voor de bak waarvan de bodem met een hoopje erwten was bedekt, en riep tot de econoom: \u201cDat alles moet vanavond in het eten!\u201d\u00a0 En hij maakte daarbij een breed gebaar om zijn gezegde kracht bij te zetten.<\/p>\n<p>Nauwelijks was hij buiten of de econoom schudde grijnzend het hoofd: daar kwam niets van. \u00a0En de erwten bleven in de bak.\u00a0 Ik gis omdat zoiets een goede indruk gaf als het Rode Kruis ooit een kijkje zou komen nemen.<\/p>\n<p>Aan mijn baantje in het magazijn kwam onverwacht een einde.\u00a0 Op zekere morgen stapte ik de poort binnen om de broden te helpen uitdelen.\u00a0 Daar stond in mijn plaats iemand anders, die, met gesloten gezicht, de broodjes aan de dragers uitdeelde.\u00a0 Het was een goede \u201cvriend\u201d en bekend romancier, die op zijn humane en sociale gezindheid gaarne groot ging, en die mij nu, zonder boe of bah te zeggen had onderkropen.\u00a0 Ik heb mij, zonder \u00e9\u00e9n woord te uiten afgewend.\u00a0 Ik ga er thans ook liever stilzwijgend aan voorbij.\u00a0 Hij is intussen overleden, werd door zijn dorp postuum gehuldigd.\u00a0 Nihil nisi bene.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: &#8220;Nihil nisi bene&#8221;: &#8220;<a href=\"https:\/\/en.wikipedia.org\/wiki\/De_mortuis_nil_nisi_bonum\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">De mortuis nil nisi bene<\/span><\/a>&#8220;: Latijnse uitdrukking:\u00a0van (over) de doden niets dan goed<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Een grote factor van kwelling viel weg, toen het de opgeslotenen toegelaten bezoek te ontvangen (brieven schrijven werd al vroeger toegestaan).\u00a0 Wel had de directie een veiligheidssysteem uitgedacht dat, in het begin althans, het bezoek zelf tot een aanfluiting maakte.\u00a0 Verbeeld u: twee wanden van kippegaas met een tussenruimte van anderhalve meter.\u00a0 Door gaten in het gaas lopen buizen met aan elk eind een trechter.\u00a0 Door die trechter moest je spreken \u2013 aan de andere trechter werd dan geluisterd; voor het antwoord moest je zelf het oor tegen de trechter houden.\u00a0 Een bezoek onder zo\u2019n omstandigheden was dan weer een bron van ergernis, die je voor de gelegenheid moest verduwen om niet alles te bederven.<\/p>\n<p>Zelfs de directie van het kamp zag in dat zij zich door deze uitvinding geen dienst bewees, en dan werden de spreekbuizen afgeschaft, de wanden van kippengaas dichter bijeen gebracht, tot op zowat een halve meter \u2013 dan kon je tenminste met de mensen die je kwamen bezoeken een gesprek voeren in waardigheid.<\/p>\n<p>Nooit vergeet ik dat eerste bezoek, als vader en moeder mij van achter dat kippengaas dapper toelachten.\u00a0 Voor mijn moeder, wier gezondheid tegen de verplaatsing en de emotie niet bestand was, vergde zo\u2019n bezoek te veel van haar krachten.\u00a0 Voor haar is het dan ook bij dat eerste bezoek gebleven.\u00a0 Zelf kwam ik gefolterd en opstandig in de barak terug; het besef volkomen machteloos te zijn, alles lijdelijk te moeten ondergaan, wie weet voor hoelang, was verpletterend.\u00a0 En ik had nog geen gezin, niemand wie ik de mond moest openhouden.\u00a0 Meer dan \u00e9\u00e9n huisvader zat na een bezoek grauw en stom te staren: thuis was er een vader nodig, om te werken, maar ook om te waken over de kinderen, de jongens, de aankomende meisjes.\u00a0 Velen kwamen uiteindelijk ook in een of andere inrichting terecht.\u00a0 Wat uit deze jonge mensen gegroeid is hebben wij in latere jaren kunnen vaststellen.<\/p>\n<p>De eerste berichten over het Von Runstedt-offensief brachten een hele ommekeer teweeg.\u00a0 De meesten konden opnieuw glimlachen, en met stralende ogen werden de jongste berichten doorgegeven.\u00a0 Nu zou het wel gauw afgelopen zijn \u2026\u00a0 Dat er iets op til was, kon men ook van de houding van de bewakers aflezen.\u00a0 Zij werden opeens heel wat toeschietelijker, en gingen onbevangen en vriendelijk met de opgeslotenen om.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr:\u00a0<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Slag_om_de_Ardennen\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">Von Runstedt-offensief<\/span><\/a>:<span style=\"color: #0000ff;\">\u00a0<span style=\"color: #000000;\">&#8220;De Slag om de Ardennen\u00a0<\/span><\/span>was het laatste grote offensief van de Duitse Wehrmacht aan het westfront in de Tweede Wereldoorlog. De slag vond plaats van 16 december 1944 tot 25 januari 1945 en werd gewonnen door de geallieerden.&#8221;<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Ikzelf nam het nieuws met \u2026 gemengde gevoelens op.\u00a0 Ik stak het onder stoelen noch banken: ik had van \u00e9\u00e9n Duitse bezetting meer dan genoeg.\u00a0 Daarvan was ons Vlamingen niets te verwachten \u2013 ook al was er sprake van een \u201cVlaamse\u201d regering.\u00a0 Timeo Danaos!\u00a0 Wij hadden uit de mond van de hoogste leiders van het IIIde Rijk, van Himmler zelf, de bedoelingen van de Nazi\u2019s horen formuleren.\u00a0 Het was zelfs de vraag of wij, die als \u201cseparatisten\u201d bekend stonden niet een zelfde lot zouden ondergaan als hier in Sint-Kruis, mogelijk in \u2026 Sint-Kruis zelf!\u00a0 De leider van het V.N.V.\u00a0 hadden\u00a0 ze\u00a0 toch\u00a0 ook\u00a0 achter\u00a0 de\u00a0 prikkeldraad\u00a0 vastgezet \u2013 overigens\u00a0 in\u00a0 het gezelschap van \u2026 Von Falkenhausen.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr:<br \/>\n<\/em><em>+ &#8220;Timeo Danaos!&#8221;:\u00a0<\/em>\u00a0<em>&#8220;<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Timeo_Danaos_et_dona_ferentes\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">Timeo Danaos et dona ferentes<\/span><\/a>&#8221; is een Latijns citaat uit Vergilius&#8217; Aeneis (zang II, vers 49). Het betekent: &#8220;Ik ben bang voor Dana\u00ebrs (= &#8216;Grieken&#8217;), ook als zij geschenken aanbieden&#8221;. Het was een waarschuwing aan de Trojanen om het &#8220;<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Paard_van_Troje\" target=\"_blank\" rel=\"nofollow\">Trojaanse Paard<\/a>&#8221; niet binnen te halen, een waarschuwing die achteraf gegrond bleek. &#8220;Uit zijn context gehaald kan het citaat gezien worden als een waarschuwing tegen onbetrouwbare tegenstanders, vooral wanneer zij zich op het eerste gezicht vriendelijk opstellen (enigszins vergelijkbaar met het Nederlandse spreekwoord Als de vos de passie preekt, boer, let op je ganzen!).&#8221;<br \/>\n<\/em><em>+<span style=\"color: #0000ff;\"><a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Alexander_von_Falkenhausen\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">Von Falkenhausen<\/span><\/a><\/span>: (1878-1966) &#8220;is in Belgi\u00eb vooral bekend als militaire bevelhebber van het Duitse militaire bestuur van mei 1940 tot juli 1944 van Belgi\u00eb en Noord-Frankrijk.&#8221;<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Ons lijden, en dat van de onze was zwaar, maar opnieuw bezet te worden, de vrijheid als volk te verliezen, een nieuwe golf van terreur te beleven dat was het laatste.\u00a0 Ik kon de na\u00efeve vreugde van veel gevangenen niet delen.<\/p>\n<p>Het liep dan toch niet op een \u201cbevrijding\u201d uit.\u00a0 Voor allen was het opnieuw: prikkeldraad, opgesloten zitten, koude barakken, vlooien, luizen, witte wormen, besmettingen van alle aard, de kwellingen zonder einde waarvan hij alleen kan meespreken die zo\u2019n \u201ctierische Zustand\u201d heeft meegemaakt.\u00a0 Het was tragisch het kamp van Sint-Kruis boven de doorbraak van de Nazi\u2019s te moeten verkiezen, maar wij moesten verder zien.\u00a0 Een Duitse overwinning zou voor ons als volk het einde betekend hebben.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: &#8220;tierische Zusrand&#8221;: dierlijke omstandigheid<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Het gedwongen samenleven met anderen is een bron van voortdurende ongemakken.\u00a0 Als \u2019s middags de deuren voor de avond en de nacht werden gesloten, begon het bestaan in de barak.<\/p>\n<p>Wat intimiteit is leer je hier beseffen, waar je nooit \u00e9\u00e9n ogenblik alleen bent, waar je je nooit aan een gezelschap kunt onttrekken dat je soms op zo\u2019n manier hindert dat je erbij vertwijfelt.\u00a0 Ik stelde vast dat velen niet eens aan een moment van eenzame inkeer behoefte hebben, welk integendeel zulke ogenblikken schuwen, en zich liever in plompe luidruchtigheid uitleven.\u00a0 Hoevelen konden zich bezighouden, al was het maar met een boek?\u00a0 Ikzelf had mijn letterkundig werk waarvoor er tijd te kort was: ik had namelijk een toneelspel op het getouw gezet, waarvoor ik de stof al vroeger gevonden had, over de ouders van Rubens\u00a0 \u2013\u00a0 het zou tot een uitgebreid filmscenario uitgroeien.\u00a0 Af en toe diende zich een gedicht aan.\u00a0 Het kon niet anders of het was een reactie op het onwaardig bestaan achter de prikkeldraad, een teruggrijpen naar zonnige dagen, naar intieme ogenblikken, het gedenken van te vroeg verloren geliefden, zoals in \u201c<a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/interview-sim-over-familie-nand\/#Zuster\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\"><span style=\"color: #0000ff;\">Gedachtenis aan een overleden zuster<\/span><\/a>\u201d.<\/p>\n<p>Mijn jongere zuster was mij naar de geest zeer nabij, en dat gevoel was een band van stilte en van schroom, onuitgesproken, maar wezenlijk en diep.\u00a0 Het was in deze omgeving als een kostbaar bezit.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: Po\u00ebtisch dagboek, manuscript uit Sint-Kruis, voor zijn jongste zus Henriette (Jet), op 21 juli 1939 gestorven aan kraamkoorts, <a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/interview-sim-over-familie-nand\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">twee weken na de geboorte van haar tweede kind:<\/a><\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Gedachtenis-1.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-3581 size-large zoooom\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Gedachtenis-1-1024x990.jpg\" alt=\"\" width=\"525\" height=\"508\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Gedachtenis-1-1024x990.jpg 1024w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Gedachtenis-1-300x290.jpg 300w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Gedachtenis-1-768x743.jpg 768w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/11\/Gedachtenis-1.jpg 1029w\" sizes=\"(max-width: 525px) 100vw, 525px\" \/><\/a><\/p>\n<p><em><strong>Gedachtenis aan een overleden zuster<\/strong><\/em><\/p>\n<p><em>Zo zat ik bij haar bed, en leed dewijl ik lachte,<\/em><br \/>\n<em>ik lachte wijs en stil dewijl ik spraakloos leed ;<\/em><br \/>\n<em>zo zat ik bij haar bed, als een die zwijgend weet,<\/em><br \/>\n<em>die huivrend voor het eind, zit op het eind te wachten<\/em><\/p>\n<p><em>o Dat zij sterven moest en toch niet wilde sterven,<\/em><br \/>\n<em>en stierf, gelijk de zon in smartlijk avondrood\u2026<\/em><br \/>\n<em>Zo moest haar moe gelaat, gesloten in den dood,<\/em><br \/>\n<em>bij \u2019t uiterste vaarwel, der doden vrede derven.<\/em><\/p>\n<p><em>Want zij was eenzaam hier, zo mild, zo onvoldaan,<\/em><br \/>\n<em>zij zag op kleinheid neer, en vond een klein bestaan,<\/em><br \/>\n<em>alleen met haar gevoel in eng gedrang vernepen.<\/em><\/p>\n<p><em>Hoe liet zij mij verweesd toen zij haar kroost ontviel,<\/em><br \/>\n<em>zij meer dan moeder mij, volkomen zusterziel\u2026<\/em><br \/>\n<em>o Rover Dood, gij zwijgt, en ik ga onbegrepen !<\/em><\/p>\n<p><em>(zie ook wat Nand over zijn zus en de roddels na haar overlijden schrijft aan zijn ouders tijdens zijn mobilisatie op de pagina &#8220;<a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1939-1940-mobilisatie-briefwisseling\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\"><span style=\"color: #0000ff;\">1939 mobilisatie briefwisseling<\/span><\/a>&#8220;)<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>De meeste mensen rondom mij wisten niet hoe hun tijd dood te krijgen, en dan werden feestavonden georganiseerd.\u00a0 Soms werden door moedige voordrachtgevers behoorlijke avonden op touw gezet \u2013 misschien was dit voor hen zelf een middel om aan dit bestaan een zin te geven.\u00a0 Meestal gaven gelegenheidszangers een cabaret- en caf\u00e9-chantant-programma ten beste.\u00a0 Het meest gegeerd waren de rumoerige show-avonden waar de roerigste elementen aan het woord kwamen.\u00a0 Een bepaalde kerel had er een specialiteit op gevonden: naakt, op een soort bananengordel na, voerde hij een keus van jungledansen uit, begeleid door het opgetogen gebrul van de aanwezigen.\u00a0 In de Oudejaarsnacht werd er te middernacht een soort van spokenstoet gehouden: het was of het gehele gezelschap in een staat van primitiviteit\u00a0 was teruggevallen, en door een aanval van collectieve razernij was aangegrepen.\u00a0 De stoet ging door de barak, er werd van alles meegedragen: eetketels, pannen, blikken bussen, en bij het uitstoten van dierlijke kreten, werd erop getrommeld dat horen en zien verging.\u00a0 Bij dergelijke gelegenheden zocht ik met enkele anderen een hoekje van de barak op om de tijd op waardiger wijze te gebruiken.<\/p>\n<p>Mij werd eens gevraagd of ik er niets voor voelde eens in de barakken \u201cop te treden\u201d.\u00a0 Ik kon het met mezelf niet eens worden.\u00a0 Verzen voorlezen voor een beperkt en ontvankelijk gehoor was \u00e9\u00e9n zaak \u2013 intieme po\u00ebzie te doen aanvoelen in een propvolle barak met zo\u2019n gemengd publiek was er een andere \u2013 dat zou mij, zelfs voor een uitgelezen publiek niet toelachen. Nu waren de verzen die mij hier werden ingegeven eerder somber en smartelijk van toon \u2013 dat was dus zeker geen spijs voor opgeslotenen.\u00a0 En om de slagzinnen uit te galmen uit de periode van strijd, dat zou zeker de anderen vals in de oren klinken.\u00a0 Ik zou tegen mijn hart moeten spreken,\u00a0 en dat kon ik niet: eerst moest ik met mezelf in het reine komen, en dat vergde tijd.\u00a0 Voor het ogenblik was ik te zeer ervan doordrongen dat tegenover de hardhandige bestraffing die ons ten deel viel, de opgewekte bezweringen uit hoopvolle jaren eerder romantisch en na\u00efef zouden klinken.<\/p>\n<p>Het was het begin van een evolutie in mijn denken die in de eerstvolgende jaren mijn opvattingen enigermate zou be\u00efnvloeden.<\/p>\n<p>Dat sommigen mij mijn kritische houding zouden kwalijk nemen, was voor mij geen reden om niet door te denken.\u00a0 Wij moesten het hoofd koel houden.\u00a0 De ineenstorting die wij beleefden was te tragisch: wij mochten niet nalaten er een les uit te trekken.\u00a0 Wie zich niet door de tegenslagen laat beleren, begaat altijd weer dezelfde vergissingen.<\/p>\n<p>Laat ik beginnen met voorop te zetten dat ik er hoegenaamd niet aan dacht iets prijs te geven van de stellingen die wij hadden bezet en verdedigd, wel was het mij erom te doen deze uit te bouwen en zelfs \u2013 om in deze krijgskundige beeldspraak te blijven \u2013 tot de aanval over te gaan.\u00a0 Het leek mij door de feiten bewezen dat wij ons door een politiek hadden laten leiden die zich thans tegen ons keerde.\u00a0 De oud-strijders die van het front waren teruggekeerd, hadden ons de haat van de staat en zijn organen, en niet het minst van het leger, ingeprent.\u00a0 Wij hadden het aldus aan onze tegenstrevers overgelaten de gezagsposten te bezetten, en ze hadden het zonder slag of stoot kunnen doen.\u00a0 Uit antimilitarisme hadden wij de mogelijkheid om officier te worden afgewezen \u2013 tijdens de mobilisatie had ik gepoogd die vergissing te herstellen, doch vruchteloos.\u00a0 Voor de magistratuur trokken wij de schouders op: het was een fransdolle boel \u2013 nu stelden wij vast dat wij in de rechtszalen voor vijanden stonden. \u00a0Het hele staatsapparaat sloeg met al zijn machtsmiddelen toe.<\/p>\n<p>Wij hadden het hun ook gemakkelijk gemaakt.\u00a0 Met weinig vooruitziende argeloosheid had men ledenlijsten gepubliceerd, de adressen lagen voor het grijpen.\u00a0 Wat is er niet bij allerlei mensen gevonden \u2013 bezwarende stukken die men had kunnen vernietigen, bewijsmateriaal zonder einde.\u00a0 Met de invasie boven ons hoofd organiseerden wij bijeenkomsten, feestvieringen die geen zin meer hadden, en waar men van op straat vlijtig namen van aanwezigen konden gememoreerd worden.\u00a0 Nu was het mogelijk massa\u2019s mensen op te drijven: wij moesten dat alles machteloos ondergaan \u2013 een volk dat bloedde, en bloed vloeide er inderdaad.<\/p>\n<p>Indien er ooit nog aan Vlaams-nationale politiek zou worden gedaan, zo oordeelde ik, dan moest men beginnen met minder belang te hechten aan vertoon, en meer in stilte, naar de diepte te werken.\u00a0 Wij dienden positief aan de opbouw van de staat te denken, om de staatsorganen niet verder door volksvreemden te laten bezetten.\u00a0 De verhouding van\u00a0 magistraten\u00a0 met\u00a0 een Frans diploma is thans tot verbijsterende verhoudingen gestegen.\u00a0 Razen tegen de staat, roepen \u201cVoor \u2019t Belgiekske?\u00a0 Nikske!\u201d bracht ons geen stap vooruit: daaraan had ik altijd een hekel gehad.\u00a0 De positieve politiek tijdens de bezetting ingeluid moest worden voortgezet.\u00a0 De aankomende generatie had een belangrijker taak dan op straat te betogen: ijdel vertoon dat de vesting zelf onaangeroerd liet; de posten dienden bezet, zich daarop voor te bereiden was een dwingende plicht.\u00a0 Zo vormden we de werkelijkheid naar onze wens \u2013 het was meteen een tactiek van welbegrepen zelfverweer.\u00a0 In het zog van de voor- oorlogse strijd mocht niet meer worden gevaren.<\/p>\n<p>Maar deze gedachte vond in de ontredderde gemoederen van de opgeslotenen geen weerklank: alleen voor een gevoelspolitiek van weerwraak waren zij toegankelijk.\u00a0 Het kwellend besef van hun onmacht woedde een norse woede die onverwacht in daden omsloeg.<\/p>\n<p>Er braken opstanden uit.\u00a0 Wild weg uitgebroken, hardhandig onderdrukt \u2013 een wanhoopsdaad.\u00a0 Die duizenden opgesloten mannen en vrouwen sloegen aan \u2019t muiten: zij verdroegen het niet meer.\u00a0 Het ging hard tegen hard: zonder genade werd erop los geslagen.\u00a0 Een der leden van de directie moest zijn hand laten verzorgen \u2013 zo had hij met de matrak gewerkt.\u00a0 De rijkswacht kwam erbij te pas.\u00a0 Degenen die als raddraaiers werden beschouwd kregen een speciale behandeling in de cel, toegediend door een tiental gendarmes.\u00a0 Toevallig lag ik in die dagen in de ziekenbarak, en ik zag ze binnenbrengen, de jongens die de speciale behandeling hadden ondergaan.\u00a0 Ik zie, nog altijd het vaal-groene gezicht van een jonge kerel die als T.B.-lijder stond aangeschreven.<\/p>\n<p>Tijdens de periode dat ik in het magazijn werkzaam was, had het er zo gestoven, dat de mensen in een wilde golf van opstandigheid naar de prikkeldraadversperringen waren gevlogen, en de poorten hadden opengebroken.\u00a0 Ze waren naar buiten gestormd, niemand had het kunnen beletten.<\/p>\n<p>Ik keerde uit het magazijn naar de barak terug en zag de directie van het kamp, in het gezelschap van de gevangenisdirecteur van het Pandreitje, in groot uniform met veel gouden galons, die in een groepje de verwoestingen aanstaarden.\u00a0 Had ik gewild, ik had rustig naar buiten kunnen stappen \u2013 de poort stond wagenwijd open\u00a0 Maar waarheen kon je gaan?\u00a0 Als een opgejaagde thuis verschijnen \u2013 als je zo ver geraakte?\u00a0 Ik voelde daar niets voor, het lost niets op.\u00a0 Meer dan eens had ik ontvluchten zien terugbrengen in het kamp: sommigen, na dagen en nachten in greppels, bosjes of achterbuurten, grauw van de honger, bont en blauw geslagen, zagen er nog nauwelijks als mensen uit.\u00a0 Zij waren ten slotte blij dat ze weer in het kamp waren, hoe erg het er ook was.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: &#8220;&#8216;<a href=\"https:\/\/inventaris.onroerenderfgoed.be\/erfgoedobjecten\/82113\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">t Pandreitje<\/span><\/a>&#8221; (Brugge): &#8220;Voormalige gevangenis zogenaamd &#8220;&#8217;t Pandreitje&#8221;, in 1992 haast volledig gesloopt op het poortgebouw (nummer 9), de aalmoezeniers- en directeurswoning (nummer 10) na. Sinds 2000-2002 vervangen door woonproject.<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>Een advocaat die zich inspande om mensen vrij te krijgen, had eens, zo vertelde hij mij, een gesprek met de burgemeester van een Westvlaamse gemeente.\u00a0 Het ging onder meer over Sint-Kruis, en de advocaat, die het weten kon, hij was ter plaatse geweest, vertelde terloops hoe er door al die mensen in het kamp werd geleden. \u00a0De katholieke voorman antwoordde: \u201cZe kun\u2019 in Sinte-Kruis nie genoeg ofzien.\u201d<\/p>\n<p>Dat was de taal van de tijd.\u00a0 Mijn goede moeder die haar nood ging klagen bij een pastoor-deken, moest het eveneens ervaren, en werd er met een weinig hoofse bejegening afgescheept bovendien.\u00a0 Wij die \u201caan de zelfkant\u201d leefden hebben het in die jaren ervaren hoe onverschillig de mens staat tegenover het lijden van de evenmens, wat zeg ik, hoe hij er zich in verlustigt anderen te zien lijden, of hij zich christelijk noemt of niet.\u00a0 Je zou menen dat hij, die de ervaring van het lijden heeft opgedaan, eerder geneigd zou zijn de anderen dat leed te besparen.<\/p>\n<p>Dat was, zo ongeveer, de gedragslijn die wij volgden als wij over onze belevenissen naar huis schreven: het gold bij allen als een ongeschreven wet dat er geen klaagtoon mocht aangeslagen worden, veeleer spanden wij ons in om een optimistische noot te laten doorklinken.\u00a0 Een brief moest een blije gebeurtenis zijn, daarom was de gelegenheid om hoopgevende geruchten door te geven, de zogenaamde kwakkels inbegrepen.\u00a0 Je geloofde daar zelf niet al te veel aan, maar je moest er soms om glimlachen.\u00a0 Sommige mensen legden op dat gebied een virtuositeit aan de dag die verbluffend was, bepaalde berichten hadden de klank van de echtheid, en geen vogel vloog ooit zo snel als een \u201ckwakkel\u201d.\u00a0 Het was dwaas, maar het had een humane zijde: het was een afleiding.\u00a0 Intussen was dat \u201cliegen om bestwil\u201d in de brieven een corvee.\u00a0 Het ging niet altijd van harte, maar het was voor de mensen thuis een hart onder de riem.<\/p>\n<p>In 1945 werden, zoals hierboven gemeld, de schroeven plots aangedraaid.\u00a0 Duitsland was bevrijd, de gevluchte Vlamingen werden uit hun schuilhoeken opgejaagd en naar Belgi\u00eb teruggebracht.\u00a0 Ook de kampen waren ontdekt.\u00a0 Wie de Duitse terreur had overleefd, bracht verhalen mee van massamoorden, gaskamers en andere gruwelen, waarvan ikzelf en de mensen in mijn omgeving nooit hadden horen spreken.\u00a0 Het was een zijde van de bezetting die wij nu eerst in haar volle tragiek leerden kennen.<\/p>\n<p>Dat de berechting in die dagen niet bijzonder sereen was, hoeft wel niet meer beklemtoond.\u00a0 Een Belgisch minister van state, gewaagde van \u201cun justice de rois n\u00e8gres\u201d.\u00a0 Het instellen van uitzonderingsrechtbanken was al niet helemaal in de geest van de\u00a0 grondwet;\u00a0 het vonnissen krachtens\u00a0 retroactieve\u00a0 wetten was een aanslag op het grondbeginsel van alle strafrecht: nulla sine lege.\u00a0 Was het maar daarbij gebleven \u2026 Het publiek in de rechtszaal eiste soms zelf de straf, en het was: de dood.\u00a0 Zulks gebeurde tijdens het proces tegen mijn uitgever, de Vlaamse idealist, die niet langer dan \u201841 had gecollaboreerd, een zuiver politiek geval, een typisch \u201cintellectueel\u201d misdrijf.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr:\u00a0\u201cun justice de rois n\u00e8gres\u201d: de uitspraak is van<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Joseph_Pholien\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\">\u00a0Joseph Pholien<\/span><\/a> (1984-1968), politicus (oa. Minister van Justitie, Eerste Minister en Minister van Staat).<\/em><\/p>\n<hr \/>\n<p>De rechters spraken de doodstraf uit, zij konden niet anders.\u00a0 Maar de straf was te zwaar in verhouding tot de feiten, ze werd dan ook spoedig omgezet.\u00a0 De directie liet hem roepen om hem mede te delen dat hij begenadigd was \u2013 het was toevallig (?) het uur waarop men de veroordeelden komt zeggen dat de doodstraf uitgevoerd wordt.\u00a0 Had hij het aldus uitgelegd?\u00a0 Hij zakte levenloos ineen \u2013 het publiek had dan toch zijn doodstraf gekregen \u2026 Met diepe verslagenheid ontvingen wij het bericht \u2013 ikzelf was door het voorval zeer geschokt.\u00a0 De naam van de schrijver was bekend, moest men hem dan mijn geschriften ten laste leggen?<\/p>\n<p>Over mijn eigen geval hoorde ik maandenlang niets, toen kwam geheel onverwacht een nogal onbehouwen heerschap mij verhoren.\u00a0 Ik moest vertellen wat ik aan letterkundig werk geschreven had, zelfs jaren voor de oorlog \u2013 dat scheen allemaal strafbaar.\u00a0 Bij de ondervraging over zekere teksten, die ze links of rechts gevonden hadden, bemerkte ik dat hij het verkeerd ophad, maar liet niets merken.\u00a0 D\u00e0t kon nog h\u00e8t verhoor niet zijn.<\/p>\n<p>Maar nu moest eerstdaags mijn zaak toch in behandeling genomen worden, dat voelde ik aan.\u00a0 In die dagen van wachten geef ik er mij rekenschap van dat de belevenis in aantocht is die over mijn leven zal beslissen.\u00a0 Het wordt gevangenis, dat is zeker.\u00a0\u00a0 Hoelang?\u00a0 Kwellende vraag \u2026\u00a0 Als ik het niet overleef, heb ik iets van mijn\u00a0leven terechtgebracht?\u00a0 In \u201cHippalus\u201d, geschreven op 28 september, wordt de vraag beantwoord, en vreemd genoeg, het is mij of dat antwoord mij door iemand anders toegefluisterd wordt, of is het de stem van het duistere onderbewuste dat meer weet dan ikzelf?<\/p>\n<p>Waarom Hippalus?\u00a0 Weet ik het?\u00a0 Je zoekt niet naar een onderwerp, het dringt zich aan je op.\u00a0 Het gegeven is helemaal de inkleding van een diepe ontroering, van een intu\u00eftief gegrepen-zijn.\u00a0 Een stuurman bestaat het, hij de eerste, met de Moesson te vechten: hij steekt in zee, men waant hem verloren: hij verdwijnt ook in het storm-weer.\u00a0 Maar het vers eindigt op een akkoord van hoop en vertrouwen: zijn strijd, zijn zwoegen worden beloond: hij bereikt de Indus.<\/p>\n<p>Het was het troostende bewustzijn dat op deze donkere tijden de gedroomde verten zouden opengaan \u2013 dit lijden was niet uitzichtloos, het was een daad.<\/p>\n<hr \/>\n<p><em>nvdr: uit de bundel &#8220;Antilia&#8221;, 1951 met enkel gevangenispo\u00ebzie, &#8220;Hippalus&#8221; (aangepast voor heruitgave in 1971):<\/em><\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/Hippalus.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-2569 size-full\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/Hippalus.jpg\" alt=\"\" width=\"671\" height=\"615\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/Hippalus.jpg 671w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/Hippalus-300x275.jpg 300w\" sizes=\"(max-width: 671px) 100vw, 671px\" \/><\/a><\/p>\n<hr \/>\n<p>Het goede seizoen was voorbijgegaan; het zonnige weer had de opgeslotenen, na die eerste lange winter in de koude barakken goed gedaan, hier en daar was er nog iemand die met ongeneeslijke reuma geplaagd zat, ikzelf was gelukkig van mijn ischias afgeraakt.\u00a0 De stok waarop ik bij het lopen gesteund had, mocht ik opbergen.\u00a0 Dat was ook weer voorbij.\u00a0 Maar nu hing de herfst in de lucht.\u00a0 De scherpe geuren van het najaar kondigden het stervend jaargetij aan: dorre bladeren ritselden rondom de barakken.\u00a0 Zou ik hier een tweede winter moeten doorbrengen?<\/p>\n<p>Er stond geschreven dat het anders zou aflopen.\u00a0 Er werd mij namelijk medegedeeld dat ik naar Hemiksem zou worden overgebracht.\u00a0 Hemiksem \u2026\u00a0 Dat was nog verder dan Antwerpen: met het oog op het bezoek was dat een ramp: het betekende driemaal overstappen, een onmogelijk zware reis.\u00a0 Waarom zo ver van mijn streek?\u00a0 Daar waar de bevels gegeven werden, was dat van geen belang.<\/p>\n<p>Wat Hemiksem zelf betreft, het was, zo hoorde ik een oude abdij die als concentratiekamp was ingericht \u2013 abdij en \u2026 concentratiekamp, het waren twee vreemde uitersten, maar het begrip abdij had geen zo\u2019n ongunstige klank, en ik kon mij enigermate in mijn lot schikken.\u00a0 Een abdij was in elk geval te verkiezen boven barakken.\u00a0 Dat was, voorlopig, een troost.\u00a0 Ik nam afscheid van mijn vrienden in het kamp met wie ik zoveel maanden, soms in de grootste menselijke nood, had doorworsteld.\u00a0 Het leed is een sterke band, en heel wat lotgenoten kwamen mij ontroerd de hand drukken.<\/p>\n<p>Ik mocht die laatste nacht in de barak niet meer slapen \u2013 wel in een apart hol, waar ik begrijpelijkerwijze niet veel sliep.\u00a0 De volgende morgen, met de pols aan een ander gevangene geketend, werd ik onder de hoede van drie gendarmen \u2013 \u00e9\u00e9n voorop, en \u00e9\u00e9n aan elke zijde &#8211; met de dievenkar naar het station van Brugge gevoerd.\u00a0 Ik zat daar ook in het gezelschap van een aantal boeven, over hun hoofd droegen zij een soort kaproen met twee gaten in voor de ogen.\u00a0 Een passend decor.<\/p>\n<p>Met moeite raakte ik, een zwaar valies slepend, de trappen van perron op.\u00a0 Mijn armen waren slap en krachteloos.\u00a0 Ik die destijds bij het leger twee man op de schouders droeg, kon nu met moeite mijn valies dragen, ik sleurde er dan maar aan zo goed als het ging.<\/p>\n<p>Brugge!\u00a0 Hoe dikwijls was ik hier met een opgetogen gevoel uitgestapt om langs e reien te gaan zwerven, om een uurtje met de Memlincs in het St.-Jansgasthuis door te brengen, om bij het graf van Karel de Stoute te gaan dromen wat ons volk had kunnen zijn, had het lot er anders over beschikt. Nu stond ik hier, verzwakt en vervallen, aan een onbekende geketend \u2013 ik, die voor de erfenis van deze stad in de bres had gestaan.<\/p>\n<p>Terwijl ik daar tussen mijn bewakers te pronk stond, bemerkte ik dat een paar mensen mij heimelijk toewenkten: zij hadden mij herkend. Maar ik was te zeer onder de indruk om blijken van leven te geven.\u00a0<a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Lodewijk_Dosfel\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\"><span style=\"color: #0000ff;\"> Lodewijk Dosfel<\/span><\/a> heeft ooit voor zijn rechters verklaard dat hij het als een eer beschouwde voor Vlaanderen geboeid te zijn.\u00a0 Dat was een prachtig woord, maar dat ik het als een eer beschouwde hier met een keten aan de pols te staan, kan ik niet bevestigen.\u00a0 De trein reed binnen.\u00a0 Wij moesten in een propvol rijtuig opstappen, en geketend tussen de mensen gaan zitten.\u00a0 De mede-reizigers schonken ons, merkwaardig genoeg, niet veel aandacht.\u00a0 Misschien was het de angst die meesprak, een van de gendarmen droeg een mitraillette, en dat riep al dadelijk een atmosfeer van burgeroorlog op.\u00a0 En dan mannen die met een keten aan elkander geklonken waren, ja dat moesten zeker gevaarlijke boeven zijn, gestapo\u2019s misschien, of, wie weet, moordenaars.<\/p>\n<p>In Brussel moesten wij overstappen.\u00a0 Toen ik aangemaand werd om op te schieten, kon ik niet anders dan zeggen dat het niet ging.\u00a0 Die drukte, dat lawaai, ik duizelde ervan: ik kreeg mijn zware koffer niet meer van de grond.\u00a0 Na \u00e9\u00e9n jaar Sint-Kruis, weigerden mijn spieren alle dienst.\u00a0\u00a0 E\u00e9n van de gendarmen bemerkte toen mijn naamkaartje dat aan het valies gehecht was: daar stond nog op (een overblijfsel uit vroeger dagen): F. V., advocaat \u2026\u00a0 Hij fluisterde iets tot zijn chef, waarop deze zich naar mij wendde: \u201cIk maak U los, maar probeert ge te vluchten, ik schiet!\u201d\u00a0 Ik glimlachte berustend \u2013 vluchten?\u00a0 Ik hield mij nauwelijks op mijn benen recht.\u00a0 Ten slotte moest mijn begeleider toch nog zelf de koffer dragen.<\/p>\n<hr \/>\n<p>vervolg &gt; &#8220;<a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/hemiksem\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\"><span style=\"color: #0000ff;\">Interneringscentrum Hemiksem<\/span><\/a>&#8220;, provincie Antwerpen.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Opmerking: Het interneringskamp te Sint-Kruis, Brugge (ICSK) &#8211; houten barakken die werden afgebroken &#8211; bevond zich op de plaats waar zich de huidige Marinebasis bevindt aan de Brieversweg: &#8220;Tekening in \u00e9\u00e9n van de barakken&#8221;, Sint-Kruis: Tekening van het kamp \u00a9 A. Vandenbussche Oorspronkelijk door de Duitsers gebouwd als krijgsgevangenkamp (houten barakken) en later als doorgangskamp &hellip; <\/p>\n<p class=\"link-more\"><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/\" class=\"more-link\">Lees verder <span class=\"screen-reader-text\">&#8220;1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis&#8221;<\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"parent":930,"menu_order":111,"comment_status":"open","ping_status":"closed","template":"","meta":{"footnotes":""},"class_list":["post-2529","page","type-page","status-publish","hentry"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v27.5 - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-wordpress\/ -->\n<title>1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis - Raratonga<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"nl_NL\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis - Raratonga\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Opmerking: Het interneringskamp te Sint-Kruis, Brugge (ICSK) &#8211; houten barakken die werden afgebroken &#8211; bevond zich op de plaats waar zich de huidige Marinebasis bevindt aan de Brieversweg: &#8220;Tekening in \u00e9\u00e9n van de barakken&#8221;, Sint-Kruis: Tekening van het kamp \u00a9 A. Vandenbussche Oorspronkelijk door de Duitsers gebouwd als krijgsgevangenkamp (houten barakken) en later als doorgangskamp &hellip; Lees verder &quot;1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis&quot;\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Raratonga\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2024-03-11T02:02:36+00:00\" \/>\n<meta property=\"og:image\" content=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Geschatte leestijd\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"49 minuten\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/\",\"name\":\"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis - Raratonga\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/#website\"},\"primaryImageOfPage\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/#primaryimage\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/#primaryimage\"},\"thumbnailUrl\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2018\\\/10\\\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg\",\"datePublished\":\"2018-10-17T09:25:21+00:00\",\"dateModified\":\"2024-03-11T02:02:36+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"nl-NL\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/\"]}]},{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"nl-NL\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/#primaryimage\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2018\\\/10\\\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2018\\\/10\\\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg\"},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/sint-kruis\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Voorgeschiedenis\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"Nand &#8211; Bio\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":4,\"name\":\"Memoires &#8220;Ridder Dood en Duivel&#8221; 1939-1949 (mobilisatie, oorlogsjaren en gevangenschap)\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":5,\"name\":\"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/\",\"name\":\"Raratonga\",\"description\":\"Biografie van een liefde\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"nl-NL\"}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis - Raratonga","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/","og_locale":"nl_NL","og_type":"article","og_title":"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis - Raratonga","og_description":"Opmerking: Het interneringskamp te Sint-Kruis, Brugge (ICSK) &#8211; houten barakken die werden afgebroken &#8211; bevond zich op de plaats waar zich de huidige Marinebasis bevindt aan de Brieversweg: &#8220;Tekening in \u00e9\u00e9n van de barakken&#8221;, Sint-Kruis: Tekening van het kamp \u00a9 A. Vandenbussche Oorspronkelijk door de Duitsers gebouwd als krijgsgevangenkamp (houten barakken) en later als doorgangskamp &hellip; Lees verder \"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis\"","og_url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/","og_site_name":"Raratonga","article_modified_time":"2024-03-11T02:02:36+00:00","og_image":[{"url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg","type":"","width":"","height":""}],"twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Geschatte leestijd":"49 minuten"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/","url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/","name":"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis - Raratonga","isPartOf":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/#website"},"primaryImageOfPage":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/#primaryimage"},"image":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/#primaryimage"},"thumbnailUrl":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg","datePublished":"2018-10-17T09:25:21+00:00","dateModified":"2024-03-11T02:02:36+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/#breadcrumb"},"inLanguage":"nl-NL","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/"]}]},{"@type":"ImageObject","inLanguage":"nl-NL","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/#primaryimage","url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg","contentUrl":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2018\/10\/IC-Sint-Kruis--1024x489.jpg"},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/sint-kruis\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Voorgeschiedenis","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"Nand &#8211; Bio","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/"},{"@type":"ListItem","position":4,"name":"Memoires &#8220;Ridder Dood en Duivel&#8221; 1939-1949 (mobilisatie, oorlogsjaren en gevangenschap)","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/"},{"@type":"ListItem","position":5,"name":"1944 Gevangenis Brugge Sint-Kruis"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/#website","url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/","name":"Raratonga","description":"Biografie van een liefde","potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"nl-NL"}]}},"jetpack_shortlink":"https:\/\/wp.me\/PbQXZk-EN","jetpack_sharing_enabled":true,"jetpack_likes_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/2529","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=2529"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/2529\/revisions"}],"up":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/930"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=2529"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}