{"id":9600,"date":"2020-11-22T05:09:45","date_gmt":"2020-11-22T04:09:45","guid":{"rendered":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/?page_id=9600"},"modified":"2024-04-10T15:49:34","modified_gmt":"2024-04-10T13:49:34","slug":"hitlergedicht","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/","title":{"rendered":"Hitlergedicht"},"content":{"rendered":"<p>Op het einde van zijn leven sprak Nand de wens uit gelukkig te kunnen sterven als hij slechts zou herinnerd worden met enkele gedichten. Waarschijnlijk had hij niet zijn beruchte Hitlergedicht in gedachten toen hij die wens uitsprak. Toch is het vooral dit gedicht dat met zijn naam verbonden blijft. Toen ik <a href=\"https:\/\/nl.wikipedia.org\/wiki\/Romain_Vanlandschoot\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer nofollow\">Romain Vanlandschoot<\/a> (auteur van de niets verhullende biografie &#8216;Kapelaan Verschaeve&#8217;) telefonisch contacteerde beaamde hij dat: &#8220;dat gedicht kleeft als een stigma aan hem&#8221;. Nand schreef het gedicht (waarvan geen manuscript bewaard is) waarschijnlijk in december 1940, na een reis met Vlaamse kunstenaars naar Duitsland (<a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\"><span style=\"color: #0000ff;\">zie betreffende pagina<\/span><\/a>). Tijdens Nands proces was dit gedicht een zwaarwegend feit ten laste.<\/p>\n<p>Ook Kristien Hemmerechts (in <strong><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/de-zingende-ziel-der-dingen\/getuigenissen-over-nand-en-sim\/1962-1990-a-charge-et-a-decharge\/2019-het-verdriet-van-vlaanderen\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">2019<\/a><\/strong>) en Tom Lanoye (tweemaal zelfs, in <strong><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/de-zingende-ziel-der-dingen\/getuigenissen-over-nand-en-sim\/1962-1990-a-charge-et-a-decharge\/tom-lanoye\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">1987<\/a><\/strong> en in <strong><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/de-zingende-ziel-der-dingen\/getuigenissen-over-nand-en-sim\/1962-1990-a-charge-et-a-decharge\/2022-tom-lanoye-bis-de-draaischijf\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\">2022<\/a><\/strong>) nemen dit gedicht van Nand op de korrel.<\/p>\n<p>Hieronder een bespreking en kadering van dit gedicht door Ingeborg Tibau uit haar masterscrptie &#8220;<a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1944-1949-chronologie-gevangenschap-locaties-en-processen\/1946-1948-overzicht-processen-aanklachten-en-vonnis\/scriptie-2019-over-het-proces\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\">Ferdinand Vercnocke als boegbeeld veroordeeld<\/a>&#8221; (2019, pp.53-59), daarna het <span style=\"color: #0000ff;\">eindbesluit<\/span> van haar studie<\/p>\n<hr \/>\n<p>In het januarinummer van <em>DeVlag <\/em>werd niet alleen Vercnockes reisverslag gepubliceerd (<em>nvdr: zie<\/em> &#8220;<em><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\"><span style=\"color: #0000ff;\">1940 Kunstenaarsreis Duitsland<\/span>&#8220;<\/a><\/em>). Op de daaropvolgende bladzijden verscheen ook zijn lofdicht \u2018Aan Adolf Hitler\u2019. &#8216;<em>De SS-Man&#8217;<\/em>, het kersverse blad van de in november 1940 opgerichte Algemeene SS-Vlaanderen, drukte het gedicht ook op 11 januari 1941. In zijn memoires schrijft de dichter dat hij het gedicht opstelde in 1940, enkele maanden nadat de oproep van <em>Volk en Staat<\/em>, om een voortrekkersrol op zich te nemen als schrijver, hem had wakker geschud. De precieze ontstaansdatum vermeldt hij niet. Een zinsnede uit het reisverslag van december 1940 doet echter vermoeden dat het gedicht onder invloed van die reis moet zijn ontstaan. Vercnocke noteert na het bezoek aan het F\u00fchrergebouw in M\u00fcnchen en het zien van de Vlaamse wandtapijten in de grote zaal daar: \u2018Vlaanderen versiert het huis van den grooten Kunstenaar-Aanvoerder Adolf Hitler in zijn vechtstad M\u00fcnchen!\u2019 Het lofdicht op Hitler begint met de woorden \u2018Kunstenaar-staatsman\u2019 en eindigt met: \u2018als \u2019t weefsel in uw huis \/ van marmer, werk mijner vaadren, siert dit volk \/ uw Rijk\u2019. Bovendien had de reis de dichter duidelijk begeesterd, en had hij een toespraak van Hitler beluisterd en Goebbels de hand geschud. Hoe het ook zij, de vraag is vooral hoe het gedicht bij de redactie van <em>De SS-Man <\/em>terechtkwam. Volgens de memoires van Vercnocke ging dat als volgt:<\/p>\n<p><em>&#8220;Daar lag nu het gedicht \u2013 wat ermee aangevangen? Ik dacht nog niet aan publiceren, daar stonden namelijk dingen in als \u201cdat uw hartstochtelijke wil doorstond in vuur en bloed\u201d \u2026 Hoe zou zoiets ontvangen worden? Toen viel een vriend uit de universiteitsjaren bij mij binnen; ik had altijd veel belang aan\u00a0 zijn oordeel gehecht, en nu weer vroeg ik hem wat hij ervan dacht. Geef het eens \u00a0mee, zei hij. Het was toen nog niet tot Gistel doorgedrongen dat hij de man was van de Vlaamse \u201cS(chut) S(charen)\u201d, en ik vertrouwde hem het gedicht toe. Kort daarop hoorde ik dat hij het in extenso in de SS-Man had laten overdrukken. Dat stelde mijn vers in een ongewenst daglicht daar het precies geschreven was om ervoor uit te komen dat het Vlaams-nationaal voelende Vlaanderen zich tegen de aanhechting te weer stelde. De SS beschouwde ik als een typisch Duitse instelling, die naar alle waarschijnlijkheid een opslorpingspolitiek zou voeren. Ik ben de hele oorlog door aan dat beginsel trouw gebleven, met het gevolg dat ik in die kringen \u00a0als een \u201cseparatist\u201d en een \u201couderwetse flamingant\u201d aangetekend stond.&#8221;<\/em> (Getypt \u00a0verslag <em>Ridder, Dood en Duivel <\/em>1966, 30) (<em>nvdr zie ook &#8220;<a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1949-ridder-dood-en-duivel\/strijd-met-de-bezetter-1940-1944\/#gedicht\" target=\"_blank\" rel=\"noopener noreferrer\"><span style=\"color: #0000ff;\">Memoires<\/span><\/a><\/em>&#8220;)<\/p>\n<p>De vriend waarvan sprake is Ren\u00e9 Lagrou, een West-Vlaming die rechten studeerde in Leuven in de late jaren 1920, net als Vercnocke. De Algemeene SS-Vlaanderen was op 30 november 1940 opgericht onder leiding van Lagrou; het bijhorende propagandablad <em>De SS-Man <\/em>verscheen voor het eerst in december 1940. Het is niet na te gaan of Vercnockes versie van de feiten klopt, maar het lijkt toch vrij twijfelachtig dat hij het gedicht zelf naar de redactie van <em>De SS-Man <\/em>zou hebben gestuurd, aangezien het VNV (met <em>Volk en Staat <\/em>als spreekbuis) in rechtstreekse concurrentie stond met de Algemeene SS-Vlaanderen. Vercnocke heeft daarenboven nooit artikels voor het SS-blad geschreven. Op de publicatie van het gedicht in <em>De SS-Man<\/em>, op 11 januari 1941, volgde enkele dagen later, op 15 januari 1941, een Duits <em>Sicherheits Dienstbericht <\/em>(<em>SD Bericht <\/em>1\/41), met de volgende boodschap: &#8220;Beachtung verdient die Tatsache, dass folgende Mitglieder der fl\u00e4mischen Kulturrates der SS angeh\u00f6ren: Prof. Dr. von Roosbroeck, Dr. Jef Van de Wiele, Prof. Hentze. Neuerdings ist auch der fl\u00e4mischen SS der Dichter Ferdinand Vercnocke beigetreten&#8221;. (BA-MA, <em>Nachlass Baumann<\/em>, in NCWO II microfilm 62\/1-2). Zulke meldingen van de Duitse inlichtingendienst werden tweemaal per week verstuurd en moesten de algemene stemming onder de bezette bevolking weergeven. Had de <em>SD<\/em>-informant de publicatie van Vercnockes gedicht in <em>De SS Man <\/em>opgemerkt en zijn conclusies getrokken? Of waren er andere bewijzen dat Vercnocke net op dat moment tot de SS was toegetreden? Er is daarvoor tot op heden geen enkel ander bewijsstuk gevonden, op speculaties van de leden van het IJzerbedevaartcomit\u00e9 na, opnieuw naar aanleiding van een stuk dat in <em>De SS-Man <\/em>werd overgedrukt, in september 1941 (zie boven, p. 16). Feit blijft wel dat \u2018Aan Adolf Hitler\u2019 in januari 1941 ook in <em>DeVlag <\/em>verscheen, en later in 1941 in <em>Heervaart <\/em>werd opgenomen, als voorlaatste gedicht van de bundel. Op 31 januari 1941 las Vercnocke het lofdicht ook voor op Zender Brussel, naar aanleiding van de achtste verjaardag van de machtsovername van de nazi\u2019s. Het is een onomwonden geloofsbelijdenis, gericht aan de F\u00fchrer:<\/p>\n<p><em>Aan Adolf Hitler<\/em><\/p>\n<p><em>Kunstenaar-staatsman, ziener, man der daad<\/em><br \/>\n<em>veldheer en held, mensch m\u00e9er dan mensch,<\/em><br \/>\n<em>stichter van een Rijk, dat op het puin<\/em><br \/>\n<em>groeit van een wereld, en tot wereld wordt;<\/em><br \/>\n<em>denk om mijn volk, dat uw hartstochtelijken wil<\/em><br \/>\n<em>doorstond in vuur en bloed, \u2019t manhaftig bloed<\/em><br \/>\n<em>van \u2019t Noorden, dat een ander volk, \u00f9w volk<\/em><br \/>\n<em>doorstroomt, en beider aangezicht, nabij verwant,<\/em><br \/>\n<em>bootst tot een gelijkenis, verscheiden, maar<\/em><br \/>\n<em>\u00e9en stam ontsproten. Zie in dit gelaat een blik<\/em><br \/>\n<em>donker van nood en rouw, de eeuwen door,<\/em><br \/>\n<em>volk, schoon in zijn smart; want \u2019t stond te weer,<\/em><br \/>\n<em>en wierp den Waal, den landvraat, van zijn grens,<\/em><br \/>\n<em>bruggenhoofd en bolwerk van den Rijn, alleen.<\/em><br \/>\n<em>Ons hebt gij niet verwonnen, doch bevrijd:<\/em><br \/>\n<em>want wij, gekluisterd in den kerker van een staat,<\/em><br \/>\n<em>vijand van onzen stam, wij stonden op de bres,<\/em><br \/>\n<em>Germanen, broeders in den bloed, ten dood gedoemd.<\/em><br \/>\n<em>Nu waakt ten voorpost, dien wij trouw behoedden,<\/em><br \/>\n<em>wij voor \u2019t Rijk, spannend zijn dubblen wiek<\/em><br \/>\n<em>ten sprong, zinbeeld van adel en gestrenge macht:<\/em><br \/>\n<em>die op den bergtop woont, en vergezichten peilt,<\/em><br \/>\n<em>de adelaar. o Held op land en zee, held in de lucht,<\/em><br \/>\n<em>die armoede, rijkdom, roof en geil verderf,<\/em><br \/>\n<em>die heerschappij van t\u2019 schuim, die landvraatzucht<\/em><br \/>\n<em>brandt uit de wereld, wreker en roede Gods,<\/em><br \/>\n<em>erken ons heldenmoedig volk, erken zijn oorsprong,<\/em><br \/>\n<em>sla van ons lijf de laatste ketens stuk,<\/em><br \/>\n<em>maak deze landen rein als op den eersten dag;<\/em><br \/>\n<em>bouwmeester van het Rijk, grond hier een volk,<\/em><br \/>\n<em>\u00e9en naar het bloed, bestemming en geschiedenis,<\/em><br \/>\n<em>in broederschap en liefde tot den landaard \u00e9en:<\/em><br \/>\n<em>volk naar uw oorbeeld. Gij die met des arends oog<\/em><br \/>\n<em>de dalen meet, neem ons vertrouwen, neem ons hart:<\/em><br \/>\n<em>ziener, vormt gij dit laagland tot een gaaf geheel<\/em><br \/>\n<em>op gave vesten, duurzaam, tegen tijd bestand, verraad<\/em><br \/>\n<em>en plundering, toonbeeld van uw staatsmanskunst;<\/em><br \/>\n<em>volk met eigen plaats in \u2019t roemvol Rijk, hoeksteen<\/em><br \/>\n<em>der wereld, geliefde kind, dat ook de moeder mint,<\/em><br \/>\n<em>doch staande op eigen voet, mondig, begaafd, en groeit<\/em><br \/>\n<em>moeder ter eere. Nog ligt dit laagland bij de zee,<\/em><br \/>\n<em>en hoort haar meer dan menschelijk geluid,<\/em><br \/>\n<em>weergalm van uw stem, die spreekt van eeuwigheid,<\/em><br \/>\n<em>drang en levenswet van \u2019t Noorden, \u2019t \u00e9ene vaderland.<\/em><br \/>\n<em>Levend is dit volk, mijn volk, en \u2019t roept in dezen tijd<\/em><br \/>\n<em>om grooter leven, arbeid brood, en heiliger dan brood:<\/em><br \/>\n<em>om kunst, beeld, klank en kleur, en boventijdlijk<\/em><br \/>\n<em>bouwwerk, heldenroem der ziel die nooit vergaat.<\/em><br \/>\n<em>Man van \u2019t zwaard, man van de kunst, volkomen held,<\/em><br \/>\n<em>als Alvader eens, des Noordens meest geduchte god,<\/em><br \/>\n<em>maak mijn volk tot volk: als \u2019t weefsel in uw huis<\/em><br \/>\n<em>van marmer, werk mijner vaadren, siert dit volk<\/em><br \/>\n<em>uw Rijk.<\/em><\/p>\n<p>De analyse van Vanfraussen (zie boven, p. 42-43) legt gelijkenissen bloot in de manier waarop Vercnocke \u2018de dichter\u2019, \u2018de held\u2019 en \u2018het staatshoofd\u2019 opvoert in zijn (voor)oorlogse oeuvre. In het gedicht wordt de figuur Adolf Hitler ingepast in de symboliek van de volksverbonden kunst, terwijl het tijdsgewricht van de Tweede Wereldoorlog mythische proporties krijgt toebedeeld. De verzen bevatten echo\u2019s van programmatische artikels van Vercnocke, verschenen in <em>Volk en Staat <\/em>op respectievelijk op 10\/11 november en 15 december 1940, over de rol van de dichter en over mythen die de grootsheid van het volk bekrachtigen. In het lofdicht is Hitler, net als Skjold, \u2018kunstenaar\u2019 v\u00f3\u00f3r \u2018staatsman\u2019, en ook de term \u2018ziener\u2019 impliceert een gave die verwant is met het kunstenaarschap. Hitler belichaamt de rollen van kunstenaar, staatshoofd, ziener, veldheer en held, in die volgorde. In Vercnockes visie is de held een incarnatie van het volk, hij is \u2018mensch m\u00e9\u00e9r dan mensch\u2019. Verderop in het gedicht wordt elk van die rollen nader bepaald, van held (\u2018op land en zee, held in de lucht\u2019) over kunstenaar (\u2018bouwmeester van het Rijk\u2019), veldheer (\u2018wreker en roede Gods\u2019) en staatshoofd (\u2018zinbeeld van adel en gestrenge macht\u2019) tot ziener (\u2018gij die met des arends oog \/ de dalen meet\u2019). Aan het einde van het gedicht culmineert het opsommen van titels in de vaststelling dat Hitler als veldheer (\u2018man van \u2019t zwaard) en kunstenaar (\u2018man van de kunst\u2019) de \u2018volkomen held\u2019 belichaamt \u2013 en dat hij zelfs \u2018als Alvader eens, des Noordens meest geduchte god\u2019 kan optreden. Ook die vergoddelijking van symboolfiguren is geen nieuw gegeven. De dichter\/held transcendeert in het programmatische discours van Vercnocke de gewone mens.<\/p>\n<p>Naast de verheerlijking van Hitler als bevrijder van Vlaanderen in zijn mythische strijd, bevat het gedicht ook een lange lijst voorwaarden waaraan de F\u00fchrer moet voldoen om die volstrekte legitimiteit te verwerven. Niet minder dan twaalf imperatieven worden aan Adolf Hitler gericht. De spreker, die in de vijfde regel nog alleen staat met de vraag: \u2018denk om mijn volk\u2019, gaat over in een groep sprekers, \u2018wij\u2019, leden van het volk, die beweren: \u2018Ons hebt gij niet verwonnen, doch bevrijd\u2019. De moed die het volk heeft opgebracht in zijn positie als voorpost van het Germaanse rijk en in zijn strijd tegen \u2018den Waal, den landvraat\u2019 \u2013 zelfs tegen \u2018uw hartstochtelijken wil\u2019 \u2013 wordt op de onderhandelingstafel gegooid. Daarbij wijst de spreker herhaaldelijk op de bloedverwantschap en de gelijkenis tussen het Vlaamse en het Duitse volk, \u2018verscheiden, maar \u00e9en stam ontsproten\u2019. Kortom, zo stelt het wij\u2019: \u2018erken ons heldenmoedig volk, erken zijn oorsprong\u2019. De groep sprekers wordt niet alleen moedig genoemd, ze beoogt ook autonoom te worden. Het motief van het streven naar Vlaamse zelfstandigheid evolueert mee met de werkwoordsvormen die aan het \u2018wij\u2019 verbonden worden. Van het passieve \u2018gekluisterd\u2019 en \u2018bevrijd\u2019, en de verleden constructies als \u2018doorstond\u2019, \u2018stond te weer\u2019 en \u2018stonden op de bres\u2019, gaat het gedicht over op het actieve \u2018staande op eigen voet, mondig, begaafd\u2019 in de tegenwoordige tijd. Het volk \u2018groeit\u2019 en door het inwilligen van zijn eisen wordt het volk \u2018levend [\u2026] en \u2019t roept in dezen tijd \/ om grooter leven\u2019. In de slotstrofe volgt ook de laatste bevelvorm aan Adolf Hitler gericht: \u2018maak mijn volk tot volk\u2019. Enkel op die manier, zo concludeert de groep sprekers: \u2018siert dit volk \/ uw Rijk\u2019.<\/p>\n<hr \/>\n<p><span style=\"color: #0000ff;\">Hier nog het besluit van deze masterscriptie,<span style=\"color: #000000;\"> waarin ook het Hitlergedicht gekaderd wordt:<\/span><\/span><\/p>\n<p>Bij wijze van <strong><span style=\"color: #0000ff;\">synthese<\/span> <\/strong>is het interessant een aantal conclusies te verbinden aan de bevindingen die in dit onderzoek naar voren zijn gekomen.<\/p>\n<p>Vooreerst moet worden opgemerkt dat het proces tegen Vercnocke evenwichtig gevoerd werd. Het dossier werd zorgvuldig samengesteld, de onderzoekers gingen grondig te werk en de rechtsgang werd niet verstoord. Men kan zich afvragen waarom hij in het proces <em>Volk en Staat <\/em>en niet in dat van Zender Brussel werd voorgeleid. De stukken die onder Vercnockes referaat de ether in gestuurd werden, vielen vast en zeker onder de noemer \u2018wetens aanzetten tot politieke samenwerking met de vijand\u2019 en waren vaak uitgesproken politiek van aard. Toch kregen ze op zijn proces relatief weinig aandacht. De krijgsraad moest zorgen dat de aantijgingen zich vooral in de periode na 29 januari 1943 situeerden, aangezien de verscherpte repressiewetten dan pas officieel in voege traden. Vercnocke publiceerde nog tot in de zomer van 1944 in <em>Volk en Staat<\/em>, terwijl hij eind 1943 bij Zender Brussel was opgestapt.<\/p>\n<p>Wat de krijgsraad ook niet deed, was schrijvers bestraffen voor eigen publicaties die Nieuwe Orde-gezind waren: men wilde zich niet op juridisch glad ijs begeven. Het verklaart waarom Vercnockes po\u00ebziebundels op geen enkel moment in het proces ter sprake kwamen, hoewel <em>Heervaart <\/em>(1941) qua strekking en gezindheid weinig aan de verbeelding overlaat. Gedichten en literaire essays in collaborerende bladen waren door hun publicatiecontext daarentegen wel strafbaar. Al wie deelnam aan instellingen die de politiek van de vijand steunden, riskeerde vanaf 29 januari 1943 de doodstraf.<\/p>\n<p>In dat opzicht is Vercnocke relatief mild gestraft. Er werd veel rekening gehouden met zijn zelfstandige evolutie tijdens de bezetting, zozeer zelfs dat men in het vonnis van <em>\u2018zijn opstand tegen de algehele verknechting van het nazisme\u2019<\/em> zou spreken.<\/p>\n<p>Een andere factor was het ontbreken van enig bewijs voor lidmaatschap van paramilitaire organisaties. Dat feit, bovenop de vaststelling dat de dichter in elk van zijn oorlogspublicaties op de Vlaamse of zelfs Dietse oorspronkelijkheid en soevereiniteit hamert, doet toch vragen rijzen bij de bewering dat Ferdinand Vercnocke tot de Algemeene SS-Vlaanderen zou zijn toegetreden, zoals in de <em>Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging <\/em>staat (Beyen 1998, 3216). De Vlaamse SS stond namelijk voor een doorgedreven verduitsing van Vlaanderen. De mogelijk onbedoelde publicatie van het lofdicht \u2018Aan Adolf Hitler\u2019 in <em>De SS-Man<\/em>, meteen gevolgd door een misschien wel voorbarig bericht van de Duitse inlichtingendienst\u00a0 (januari 1941) over toetreding tot de SS, is toch eerder karig bewijsmateriaal voor een conclusie met verstrekkende gevolgen.<\/p>\n<p>Bedenkelijk is vooral de slotzin van Elke Brems in een korte beschrijving van Ferdinand Vercnocke op de website BelgiumWWII:<br \/>\n\u2018Hij evolueert steeds meer in nationaalsocialistische richting, van een sympathie voor het Vlaams Nationaal Verbond (VNV) in het begin van de oorlog tot een lidmaatschap van SS Vlaanderen tegen het einde.\u2019<\/p>\n<p>Vooreerst is Vercnockes belangstelling voor het nationaalsocialisme en de volksverbonden kunst al ruim voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog aanwezig. Daarnaast gaat het niet om een geleidelijke toename in de mate van bevlogenheid, als wel om een piek in 1940-1942, gevolgd door een afname en het verleggen van de focus op de eigen volks-nationale belangen. Van SS-neigingen aan het einde van de oorlog kan al helemaal geen sprake zijn, als leden van het IJzerbedevaartcomit\u00e9 reeds in 1942 vaststelden dat Vercnocke op zijn schreden was teruggekeerd. De misvatting kan verklaard worden door het feit dat Brems bij haar onderzoek uit 1996 enkel Vercnockes teksten uit 1940-1941 heeft betrokken.<\/p>\n<p>Het bewijst hoe belangrijk het is om alle\u00a0 publicaties in rekening te brengen wanneer men literaire collaboratie in Vlaanderen tracht te duiden. De steeds veranderende oorlogse context waarbinnen auteurs opereerden, betekent dat onderhandelingsposities steeds opnieuw gedefinieerd werden, zoals ook gebleken is uit de analyse van een beperkt aantal teksten in dit onderzoek.<\/p>\n<p>Kan men ten slotte concluderen dat Ferdinand Vercnocke een boegbeeld is van de culturele collaboratie in Vlaanderen? Voor de eerste oorlogsjaren kan dat zeker kloppen, gezien de fanatieke Nieuwe Orde-overtuiging die uit elk van zijn teksten spreekt. Het beruchte lofdicht op Hitler is daarvan nog steeds het meest sprekende voorbeeld. De dichter stelde zich tot doel de lezer mee te krijgen in de visie dat het nationaalsocialisme van de Duitsers, nadat eenmaal een nieuw Europees Rijk gesticht was, een bevrijding kon betekenen voor het Vlaamse volk. Het is wel duidelijk dat Vercnocke er daarbij vanuit ging dat de Dietse autonomie in dat verhaal haar plaats zou krijgen, en dat hij daar ook voor ijverde. In zijn po\u00ebzie veroorloofde de dichter zich daaromtrent grotere vrijheden dan in zijn artikels. Wanneer duidelijk werd dat aan die voorwaarde niet voldaan zou worden, nam hij afstand.<\/p>\n<p><em>De figuur Vercnocke staat dus voor Vlaamse literaire collaboratie met het oog op Dietse zelfstandigheid.<\/em><br \/>\nNet zoals de dichter in zijn teksten Adolf Hitler als symbool heeft ingepast in\u00a0 een ideologisch kader, waarbij Skjold eerder al die functie vervulde, is het aanduiden van Vercnocke als boegbeeld voor een hele groep kunstenaars uit WOII vooral nuttig voor de symboolwaarde.<br \/>\nHet is daarnaast net zo belangrijk om stil te staan bij de context en evolutie van het individu, niet alleen tijdens, maar ook voor en na de oorlog. Met deze scriptie is daar alvast een aanvang mee genomen wat betreft de figuur Vercnocke.<\/p>\n<p>Er is nog heel veel werk voor de boeg, wil men de Vlaamse culturele collaboratie in al haar nuances in kaart brengen.<\/p>\n<hr \/>\n<p>Tot slot: pas onlangs ontdekte ik dat Leonard Cohen ooit een dichtbundel schreef &#8220;<a href=\"https:\/\/en.wikipedia.org\/wiki\/Flowers_for_Hitler\" target=\"_blank\" rel=\"noopener nofollow\">Flowers for Hitler<\/a>&#8220;, uitgegeven in 1964, hij was toen 30, zijn derde po\u00ebzieuitgave.<\/p>\n<p><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers.jpg\"><img decoding=\"async\" class=\"alignnone wp-image-11906\" src=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers-136x300.jpg\" alt=\"\" width=\"303\" height=\"668\" srcset=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers-136x300.jpg 136w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers-464x1024.jpg 464w, https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers.jpg 656w\" sizes=\"(max-width: 303px) 100vw, 303px\" \/><\/a><\/p>\n<p>Sandra Wynands schreef hierover het essay &#8220;Representation of the Holocaust in <a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Cohen.pdf\" target=\"_blank\" rel=\"noopener\"><em>Flowers for Hitler<\/em><\/a>&#8221; (verschenen in &#8220;<em>Intricate Preparations. Writing Leonard Cohen<\/em>&#8220;, edited by Stephen Scobie, 2000, pp.198-2009)<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Op het einde van zijn leven sprak Nand de wens uit gelukkig te kunnen sterven als hij slechts zou herinnerd worden met enkele gedichten. Waarschijnlijk had hij niet zijn beruchte Hitlergedicht in gedachten toen hij die wens uitsprak. Toch is het vooral dit gedicht dat met zijn naam verbonden blijft. Toen ik Romain Vanlandschoot (auteur &hellip; <\/p>\n<p class=\"link-more\"><a href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/\" class=\"more-link\">Lees verder <span class=\"screen-reader-text\">&#8220;Hitlergedicht&#8221;<\/span><\/a><\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"parent":8248,"menu_order":46,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"footnotes":""},"class_list":["post-9600","page","type-page","status-publish","hentry"],"yoast_head":"<!-- This site is optimized with the Yoast SEO plugin v28.6 - https:\/\/yoast.com\/product\/yoast-seo-wordpress\/ -->\n<title>Hitlergedicht - Raratonga<\/title>\n<meta name=\"robots\" content=\"index, follow, max-snippet:-1, max-image-preview:large, max-video-preview:-1\" \/>\n<link rel=\"canonical\" href=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/\" \/>\n<meta property=\"og:locale\" content=\"nl_NL\" \/>\n<meta property=\"og:type\" content=\"article\" \/>\n<meta property=\"og:title\" content=\"Hitlergedicht - Raratonga\" \/>\n<meta property=\"og:description\" content=\"Op het einde van zijn leven sprak Nand de wens uit gelukkig te kunnen sterven als hij slechts zou herinnerd worden met enkele gedichten. Waarschijnlijk had hij niet zijn beruchte Hitlergedicht in gedachten toen hij die wens uitsprak. Toch is het vooral dit gedicht dat met zijn naam verbonden blijft. Toen ik Romain Vanlandschoot (auteur &hellip; Lees verder &quot;Hitlergedicht&quot;\" \/>\n<meta property=\"og:url\" content=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/\" \/>\n<meta property=\"og:site_name\" content=\"Raratonga\" \/>\n<meta property=\"article:modified_time\" content=\"2024-04-10T13:49:34+00:00\" \/>\n<meta property=\"og:image\" content=\"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers-136x300.jpg\" \/>\n<meta name=\"twitter:card\" content=\"summary_large_image\" \/>\n<meta name=\"twitter:label1\" content=\"Geschatte leestijd\" \/>\n\t<meta name=\"twitter:data1\" content=\"15 minuten\" \/>\n<script type=\"application\/ld+json\" class=\"yoast-schema-graph\">{\"@context\":\"https:\\\/\\\/schema.org\",\"@graph\":[{\"@type\":\"WebPage\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/\",\"name\":\"Hitlergedicht - Raratonga\",\"isPartOf\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/#website\"},\"primaryImageOfPage\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/#primaryimage\"},\"image\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/#primaryimage\"},\"thumbnailUrl\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2023\\\/06\\\/Flowers-136x300.jpg\",\"datePublished\":\"2020-11-22T04:09:45+00:00\",\"dateModified\":\"2024-04-10T13:49:34+00:00\",\"breadcrumb\":{\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/#breadcrumb\"},\"inLanguage\":\"nl-NL\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"ReadAction\",\"target\":[\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/\"]}]},{\"@type\":\"ImageObject\",\"inLanguage\":\"nl-NL\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/#primaryimage\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2023\\\/06\\\/Flowers.jpg\",\"contentUrl\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/wp-content\\\/uploads\\\/2023\\\/06\\\/Flowers.jpg\",\"width\":656,\"height\":1447},{\"@type\":\"BreadcrumbList\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/hitlergedicht\\\/#breadcrumb\",\"itemListElement\":[{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":1,\"name\":\"Home\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":2,\"name\":\"Voorgeschiedenis\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":3,\"name\":\"Nand &#8211; Bio\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":4,\"name\":\"1939-1944 Oorlogsjaren\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":5,\"name\":\"1940 Kunstenaarsreis Duitsland\",\"item\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/voorgeschiedenis\\\/nand\\\/1939-1944-oorlogsjaren\\\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\\\/\"},{\"@type\":\"ListItem\",\"position\":6,\"name\":\"Hitlergedicht\"}]},{\"@type\":\"WebSite\",\"@id\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/#website\",\"url\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/\",\"name\":\"Raratonga\",\"description\":\"Biografie van een liefde\",\"potentialAction\":[{\"@type\":\"SearchAction\",\"target\":{\"@type\":\"EntryPoint\",\"urlTemplate\":\"https:\\\/\\\/www.antillia.be\\\/blog\\\/?s={search_term_string}\"},\"query-input\":{\"@type\":\"PropertyValueSpecification\",\"valueRequired\":true,\"valueName\":\"search_term_string\"}}],\"inLanguage\":\"nl-NL\"}]}<\/script>\n<!-- \/ Yoast SEO plugin. -->","yoast_head_json":{"title":"Hitlergedicht - Raratonga","robots":{"index":"index","follow":"follow","max-snippet":"max-snippet:-1","max-image-preview":"max-image-preview:large","max-video-preview":"max-video-preview:-1"},"canonical":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/","og_locale":"nl_NL","og_type":"article","og_title":"Hitlergedicht - Raratonga","og_description":"Op het einde van zijn leven sprak Nand de wens uit gelukkig te kunnen sterven als hij slechts zou herinnerd worden met enkele gedichten. Waarschijnlijk had hij niet zijn beruchte Hitlergedicht in gedachten toen hij die wens uitsprak. Toch is het vooral dit gedicht dat met zijn naam verbonden blijft. Toen ik Romain Vanlandschoot (auteur &hellip; Lees verder \"Hitlergedicht\"","og_url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/","og_site_name":"Raratonga","article_modified_time":"2024-04-10T13:49:34+00:00","og_image":[{"url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers-136x300.jpg","type":"","width":"","height":""}],"twitter_card":"summary_large_image","twitter_misc":{"Geschatte leestijd":"15 minuten"},"schema":{"@context":"https:\/\/schema.org","@graph":[{"@type":"WebPage","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/","url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/","name":"Hitlergedicht - Raratonga","isPartOf":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/#website"},"primaryImageOfPage":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/#primaryimage"},"image":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/#primaryimage"},"thumbnailUrl":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers-136x300.jpg","datePublished":"2020-11-22T04:09:45+00:00","dateModified":"2024-04-10T13:49:34+00:00","breadcrumb":{"@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/#breadcrumb"},"inLanguage":"nl-NL","potentialAction":[{"@type":"ReadAction","target":["https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/"]}]},{"@type":"ImageObject","inLanguage":"nl-NL","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/#primaryimage","url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers.jpg","contentUrl":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-content\/uploads\/2023\/06\/Flowers.jpg","width":656,"height":1447},{"@type":"BreadcrumbList","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/hitlergedicht\/#breadcrumb","itemListElement":[{"@type":"ListItem","position":1,"name":"Home","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/"},{"@type":"ListItem","position":2,"name":"Voorgeschiedenis","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/"},{"@type":"ListItem","position":3,"name":"Nand &#8211; Bio","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/"},{"@type":"ListItem","position":4,"name":"1939-1944 Oorlogsjaren","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/"},{"@type":"ListItem","position":5,"name":"1940 Kunstenaarsreis Duitsland","item":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/voorgeschiedenis\/nand\/1939-1944-oorlogsjaren\/1940-kunstenaarsreis-duitsland\/"},{"@type":"ListItem","position":6,"name":"Hitlergedicht"}]},{"@type":"WebSite","@id":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/#website","url":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/","name":"Raratonga","description":"Biografie van een liefde","potentialAction":[{"@type":"SearchAction","target":{"@type":"EntryPoint","urlTemplate":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/?s={search_term_string}"},"query-input":{"@type":"PropertyValueSpecification","valueRequired":true,"valueName":"search_term_string"}}],"inLanguage":"nl-NL"}]}},"jetpack_shortlink":"https:\/\/wp.me\/PbQXZk-2uQ","jetpack_sharing_enabled":true,"jetpack_likes_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/9600","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=9600"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/9600\/revisions"}],"up":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/8248"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.antillia.be\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=9600"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}